De spelling-Geerts: oerkonservatief of hypermodern

Waarom Veto spelt zoals het spelt.

Sommige lezers ergeren zich wel eens aan de eigenzinnige spellingspolitiek die Veto erop nahoudt. Ze krijgen de kriebels wanneer ze 'sirkus' of 'sjokola' zien staan en vragen zich af waar dat in godsnaam goed voor is. Om daarop een antwoord te kunnen geven, is het nodig om de voorgeschiedenis te kennen van de laatste spellingshervorming.

Spelling is schrijftaal, het is een kode waarin de gesproken taal wordt vastgelegd. De spelling van een taal balanseert altijd tussen twee uitersten. Aan de ene kant is er de schrijftaal die zelden wijzigt en waarin men de wortels van de Latijnse en Griekse stammen herkenbaar laat. Het Frans en het Engels hebben een dergelijke schrijftaal. Deze talen zijn moeilijk aan te leren omdat je meer uitzonderingen dan regels hebt. Je moet bijna de schrijfwijze van elk woord afzonderlijk van buiten leren. Aan de andere kant van het spectrum heb je de schrijftalen die spellen 'zoals je spreekt'. Zij proberen de lezer een zo konsistent mogelijk systeem aan te bieden waarin woorden gespeld worden volgens vaste regels en er weinig uitzonderingen zijn. Het Spaans is een taal die eerder die kant opgaat.

Bij de spellingshervorming in het begin van deze eeuw en die uit 1954, maakte het Nederlands een evolutie door in de richting van een konsekwente taal zoals het Spaans. In de negentiende eeuw zat er nog helemaal geen lijn in de Nederlandse schrijftaal zodat spellen toen echt een kunst voor de happy few was. Maar ook na de publikatie van het Groene Boekje van 1954 bleven er problemen zoals de tussen-n of -s en de diakritische tekens (koppelteken, apostrof, trema). Het meest in het oog springend echter was de spelling van bastaardwoorden.
Een bastaardwoord is een woord dat aan een vreemde taal ontleend is maar dat zich enigzins aan het Nederlands heeft aangepast. Konversatie is een voorbeeld van een bastaardwoord: het Nederlands heeft 'conversation' overgenomen en er een Nederlandse uitspraak en uitgang aan gegeven. Of 'chatten': het Engelse 'to chat' kreeg een Nederlandse uitgang en vervoeging. Over de vraag hoe deze kategorie van woorden precies moet gespeld worden, gaf het Groene Boekje van 1954 geen uitsluitsel. Integendeel, men gaf een voorkeurspelling aan maar liet eveneens de mogelijkheid van de toegelaten spelling open. Chaos alom want de één gebruikte de voorkeurspelling en een ander de toegelaten. Bovendien zat er geen lijn in de spelling van verwante woorden. Zo had je naast de voorkeurspelling kopie de voorkeurspelling fotocopie, akkoord naast accorderen, tekst naast context, enzovoort.

Konsekwent

Om dergelijke onzin met wortel en tak uit te roeien werd in 1990 door de Nederlandse Taalunie een kommissie opgericht onder leiding van toenmalig professor - nu emeritus - van de KU Leuven, Guido Geerts. De kommissie-Geerts zette zich vier jaar lang in om aan de gestelde eisen van een konsekwente spelling te voldoen. Op het ogenblik dat ze met haar voorstellen naar buiten wilde komen, gebeurde er iets waarin ons landje sterk is geworden: een perslek. De Standaard blokletterde dat men voortaan 'sjampanje' in plaats van 'champagne' zou moeten schrijven. Niet alleen was dat stemmingmakerij tegen de nieuwe spelling, het was ook nog eens een foutief voorbeeld. De schrijfwijze 'champagne' blijft volgens de spelling-Geerts behouden omdat het een vreemd woord is.
Het artikel in De Standaard mist zijn uitwerking niet. De publieke opinie verwerpt de nieuwe spelling nog voor ze ze onder ogen gekregen heeft. De verantwoordelijke politici vrezen voor stemmenverlies en fluiten de kommissie-Geerts terug. Een nieuwe Taaladvieskommissie wordt aangesteld en de opdracht wordt geherformuleerd. Het doel is niet langer een konsekwente spelling maar een spelling die de massa koest houdt. De ministers hebben ook enkele persoonlijke verzoekjes: maneschijn en koninginnedag moeten zonder tussen-n. De Taaladvieskommissie krijgt voor haar werk welgeteld drie maanden. Het resultaat is navenant.

Aanvulling

Het verwerpen van de spelling-Geerts gebeurde op irrationele gronden. Dit is niet zo verwonderlijk aangezien mensen zich gemakkelijk vereenzelvigen met een taal en een spelling. Een inbreuk op die spelling wordt dan ook aangevoeld als een aanval op de eigen identiteit. Toch is de spelling-Geerts in feite niets meer dan een aanvulling op de spelling van 1954. Toen werd immers beslist om bijvoorbeeld de s-klank aan het begin van een woord met een 's' weer te geven. Voor 1954 schreef men 'cigaar', erna 'sigaar'. Helaas vergat men een aantal woorden zodat we bijvoorbeeld in de officiële spelling nog steeds 'cirkel' schrijven. Ook in 1954 werd overigens al furieus gereageerd op enkele wijzigingen. De omspelling van 'rhythme' tot 'ritme' veroorzaakte heel wat kommotie. Tegenstanders schermden met emotionele argumenten en bepleitten dat het woordbeeld van 'rhythme' zoveel mooier en eleganter was en dat de etimologische afkomst - het Latijnse rhythmus - tenminste duidelijk was. Dit voorbeeld toont treffend aan dat een redenering gebaseerd op dergelijke argumenten niet lang blijft nazinderen. Wie maalt er tegenwoordig nog om dat we 'ritme' schrijven? Integendeel, deze schrijfwijze is veel gemakkelijker.
Het gemak van een spelling is van niet te onderschatten belang. Het laat toe dat een zo groot mogelijk deel van de bevolking de schrijftaal machtig wordt. Wie had immers geen moeite met de spelling 'rhythme'? De mensen die Latijn gestudeerd hadden. Etimologische spelling is dus noch min noch meer een elitaire spelling. Een konsekwente spelling daarentegen draagt bij aan de demokratisering van het onderwijs. Iedereen kent wel mensen die niet korrekt kunnen spellen. Dat aantal zal zeker dalen wanneer zij zich kunnen baseren op konsekwente regels. Nu kan men op de vraag waarom je 'clerus' schrijft maar 'klerikaal', 'vakantie' maar 'vacant', alleen maar antwoorden: daarom.
De huidige officiële spelling heeft -- naast enkele verdiensten zoals het gelijkschakelen van bijvoorbeeld Oost-Vlaanderen en Oost-Vlaams (voorheen Oostvlaams) -- vooral tekortkomingen. De aangehaalde ondoorzichtige spelling van de bastaardwoorden is er slechts één van. De regels voor de tussen-n zitten vol gaten, net als die voor hoofdlettergebruik, het splitsen van woorden, het plaatsen van aksenten en ga zo maar door. De lijst is indrukwekkend lang. De grootste aberratie waartoe dit geleid heeft, is het naast elkaar bestaan van een tiental spellingen. Er is de spelling volgens de Woordenlijst van het Groene Boekje van 1994 maar die verschilt al van de Leidraad van het Groene Boekje. Daarnaast is er de lichtjes afwijkende spelling van Van Dale en die van de konkurrenten van het Groene Boekje, zijnde De Nieuwe Spellingsgids en de Schrijfwijzer. Verder zijn er nog een vijftal spellingsvarianten zoals die van sommige kranten. Ze wijken wel niet veel af maar toch op sommige punten. Probeer dan nog maar eens korrekt te spellen.

Eksperiment

Is het in het licht van al deze varianten wel opportuun om nóg een andere spelling te hanteren? En is de spelling-Geerts dan zoveel beter? Het antwoord is een genuanceerd maar duidelijk ja. Het blijft jammer dat een spelling waar vier jaar aan gesleuteld is, werd afgewezen op basis van argumenten die niets met de spelling zelf te maken hebben. Vergeleken met de huidige officiële spelling, is de spelling-Geerts een toonbeeld van konsistentie. De regels zijn beperkt en eenduidig en dus gemakkelijk te leren. Het is dan ook een zeer demokratische spelling. Natuurlijk vergt ze enige aanpassing omdat men de huidige spelling gewoon is. Maar gewenning is gauw vergeten en is zeker geen reden om ettelijke generaties scholieren te veroordelen tot het onder de knie krijgen van iets wat hen boven het hoofd dreigt te groeien. Tenslotte zou een overgang naar de spelling-Geerts nu ook weer geen gigantische ommekeer met zich meebrengen. Slechts een handjevol woorden per pagina worden anders gespeld.
Veto heeft al het verwijt gekregen oerkonservatief te zijn omdat het zich niet bij de nieuwe spelling wil neerleggen. En wat binnen enkele jaren wanneer die nieuwe spelling helemaal ingeburgerd is? De persoon die het best geplaatst is om hierop te antwoorden is de 'ontwerper' zelf. Guido Geerts: "Ik ben bang dat we voor een hele tijd vertrokken zijn met de nieuwe spelling, al blijft er een uitweg open. In 2005 zou de Taalunie een herziene Woordenlijst publiceren. Vermoedelijk zal daar de diskussie opnieuw kunnen geopend worden." Veto zou dan juist wel eens hypermodern kunnen blijken. Geerts: "Onze spellingsvoorstellen zijn nooit aan de praktijk getoetst. Men had een eksperiment moeten doen om te zien hoe mensen op de spelling reageren. Taalkundigen kunnen wel voor of tegen zijn maar het is ook de man in de straat die de spelling moet gebruiken. Vindt de modale lezer de spelling echt moeilijk leesbaar? Daar gaat het uiteindelijk om en in die zin is wat Veto doet een zeer interessant eksperiment."
Peter Mangelschots
Het departement kommunikatiewetenschappen heeft de belofte gedaan een onderzoek van de Vetolezer (o.a. zijn reaktie op de spelling) op te nemen in de lijst met tesisonderwerpen.


Inhoud