Literair tijdschrift Nieuwzuid voorgesteld op Klapstuk

Het essay als intellektuele dildo

In het kader van het Klapstukfestival werd vorige zaterdag de studiedag "Het zout der aarde" gehouden. Aansluitend was er de officiële voorstelling van het nieuwe literaire tijdschrift Nieuwzuid. Nieuw maar met een belegen randje want Nieuwzuid is vooral het vormelijk gedowngrade vervolg op De Vlaamse Gids en het legendarische Plaza Real.

Twee jaar geleden werd op Klapstuk alles in gereedheid gebracht voor de presentatie van een nieuwe literaire boreling: Plaza Real. Door problemen met de subsidies bleven de beschuiten met muisjes uiteindelijk in de kast staan (Veto jaargang 24, nr. 26). De redaktie kreeg even later wel de kans om De Vlaamse Gids over te nemen. Erik Spinoy werd hoofdredakteur.

De Vlaamse Gids? Was dat niet het ledenblad van het liberale Willemsfonds? Het leek onverzoenbaar met de vooruitstrevendheid van het konsept van Plaza Real. Spinoy maakte zich ook die bedenking maar voorzitter Verhulst van de Stichting De Vlaamse Gids drukte hem op het hart dat er naar een ontzuiling gestreefd werd. Spinoy kon zijn oren amper geloven en knikte naar eigen zeggen "als een missienegertje nadat een hele buslading scholieren langs geweest was". We schrijven lente 1998.

Superman

Amper een jaar later lag het hele projekt al in duigen. Honoraria werden niet uitbetaald, het rekeningnummer van de abonnementen was onbereikbaar zodat alleen Superman zich nog had kunnen abonneren en ook de belofte van de ontzuiling bleek niet meer dan een graptje. Voor de tweede keer op een jaar tijd zag De Vlaamse Gids zijn voltallige redaktie opstappen.
De ideeën van Plaza Real bleken ook deze tweede tegenslag aan te kunnen. Vol goede moed werd een subsidie-aanvraag voor een nieuw tijdschrift ingediend. Alle hoop werd gevestigd op een publikatie van de Vlaamse overheid genaamd De Durfkrant. Daarin werd propaganda gemaakt voor vernieuwende initiatieven. De innovatiedrang in het Vlaamse kulturele landschap zou aangemoedigd worden. De werkelijkheid bleek heel anders. Ondanks alle beloften van De Durfkrant moest het nieuwe, nog naamloze tijdschrift (de naam De Vlaamse Gids was in "het hol van de blauwe vinvis" blijven liggen) het stellen met een beginnersubsidie.
Spinoy fulmineerde hiertegen op de persvoorstelling. Waarom kon voor Nieuwzuid -- want zo zou de fenix gaan heten -- niet wat voor het Nieuw Wereldtijdschrift (NWT) wél kon? Voor Spinoy was het duidelijk: het NWT vertegenwoordigt de stem van de overheid en van priveebedrijven terwijl Nieuwzuid 'slechts' een stelletje individuele intellektuelen groepeert. Het is op die manier duidelijk dat de overheid streeft naar een kommodifikatie van de Vlaamse kultuur: kultuur als een integrerend deel van een fleksibele kapitalistische ekonomie. Uiteindelijk leidt dit tot een kultureel pragmatisme dat een gevaar inhoudt voor de vrije meningsuiting, aldus Spinoy.

Kataklisme

Dura lex, sed lex en dus moest ook Nieuwzuid de tering naar de nering zetten. Weg met het glanzend papier, weg met het A4-formaat, weg met kleuren, clippings, nepadvertenties en reuzefoto's. Kortom, weg met alles wat het tijdschrift voor essayistiek het uiterlijk had moeten geven van een low brow populair magazine à la Flair of Playboy. Nieuwzuid is eerder strak, éénkolommig, zwart-wit en high brow. Het intellektuele kataklisme is echter intakt gebleven.
De volledige naam is freespace Nieuwzuid, driemaandelijkse diskursieve machine voor kultuurkritiek en amusement en borduurt in feite verder op de naam Plaza Real, het Zuiderse plein waar allerhande potsenmakers hun kunstjes mogen vertonen. Freespace is een begrip waaraan betekenis werd gegeven door de architektuurtheoreticus Lebbeus Woods: "De freespace belichaamt een nieuwe invulling van de ruimte en vertegenwoordigt een nieuwe vorm van kennis-door-aktie die blijft openstaan voor vrije, persoonlijke interpretatie en individuele verwezenlijkingen." De mosterd werd elders gehaald maar hij smaakt nog steeds hetzelfde. Ook de immateriële referent van het Zuiden is nog aanwezig.
Redakteur -- verschoning, bij Nieuwzuid heet dat Vast Burolid -- Erwin Jans vertelde over de dichter in de woestijn die een lied zingt dat wordt opgepikt door een karavaan, doorverteld en na jaren in een totaal herwerkte vorm de dichter weer ter ore komt. Nieuwzuid wil zo'n karavaan zijn, het verlangen een tocht laten maken in de geografie van de materie. Tegelijk wil het een kultuurkritische denktank zijn, een karavanserai voor staatloze essayistiek.

Alien

Het klinkt allemaal nogal onaards maar dat is de bedoeling. Burolid Dirk Van Bastelaere noemde het medium van het tijdschrift dan ook een alien, een slijmerig ding dat tussen de gevestigde waarden kruipt. Het tijdschrift is niet geïnstitutionaliseerd zoals het boek; het is de sans-papier van de literatuur. Het geeft kritiek vanuit de marge.
In het eerste nummer, zo stelt de perstekst, kunt u alvast handjeschudden met de geestelijke vader van de freespace, Lebbeus Woods. Zinnenprikkelend zijn de pagina's van Romantic Times en de verzen van Jess De Gruyter. De Poëziepolitie en Rudi Laermans's Groot Lawaai moeten dan weer voor amusement of irritatie alnaargelang zorgen. En de presentatie op Klapstuk blijft ook niet zonder gevolg: meteen wordt een reeks opgestart rond dans en politiek. Het eerste item in die reeks is een interview met Alain Platel.
De banden tussen Nieuwzuid en het Stuc zullen ook in de toekomst aangehaald worden. De abonnementenadministratie verloopt via het Stuc en zij zullen ook zorgen voor een evenement bij het verschijnen van elk nummer. Nieuwzuid is de woestijn ingetrokken, de fenix vliegt weer. Hopelijk is hij ditmaal een langer leven beschoren.
Peter Mangelschots

"Nieuwzuid: een intellektuele eklipsbril, te gebruiken bij de eerste tekenen van verstandsverbijstering"




Inhoud