Trixie Whitley | "De massa wil geen diepgang" Vorige week donderdag was de Amerikaanse auteur Michael Cunningham te gast bij 30CC. Trixie Whitley, een porseleinen poppetje met de stem van een zwarte souldiva uit de jaren zestig, zorgde voor muzikale begeleiding. Een gesprek over passie, poëzie en Selah Sue. Jaana Hombroux & Jelle DehaenVeto: Is muziek voor jou de ultieme expressievorm? Of is de kracht van taal even belangrijk?Trixie Whitley: «Muziek en taal zijn heel nauw met elkaar verbonden. Ze zijn voor mij allebei even waardevol. Ik heb in mijn muziek echt een boodschap nodig. Al van toen ik nog heel jong was, ben ik bezeten door poëzie. Muziek betekent voor mij ook poëzie. Ik probeer echt om beide genres als een geheel te brengen.»Veto: Je stem is zo krachtig dat de luisteraar, zelfs wanneer je geen woorden zou gebruiken, meteen voelt wat je bedoelt.Whitley: «Ik heb niet genoeg aan zingen alleen. Ik moet zelf gecaptiveerd worden door de boodschap die ik te vertellen heb. Ik zing niet zomaar om anderen te plezieren. Zingen betekent voor mij een zoektocht naar wat ik echt wil zeggen. Ik ben me eigenlijk niet zo bewust van mijn stem, omdat ik er niets voor moet doen. Ik ben minder met mijn stem bezig dan met mijn teksten. Lyrics en songs schrijven is voor mij veel uitdagender dan gewoon een zangeres zijn.»Veto: Je houdt van poëzie. In hoeverre beïnvloedt literatuur jouw muziek?Whitley: «Heel erg. Camus, Rilke, you name it. Ook andere media, zoals visuele en plastische kunst, stimuleren mijn creativiteit enorm. Ik ben voortdurend op zoek naar voeding voor mijn geest, om die dan te kunnen vertalen naar mijn muziek. Literatuur en poëzie zijn daarvoor heel belangrijk. Ik wil intellectueel uitgedaagd worden, maar ook emotioneel geraakt.»New YorkVeto: Je woont in New York. Werkt die omgeving inspirerend?Whitley: «Een stad als New York is niet gemakkelijk om te overleven. Het is een miljoenenstad, maar heel inspirerend. Wie zich buiten zijn comfortzone begeeft, wordt sneller geprikkeld. Daarom houd ik niet van routine. Ik reis vaak naar plaatsen die helemaal nieuw voor mij zijn, zodat ik mijn verbeelding weer kan laten spreken. New York is een plaats waar mensen van over de hele wereld wonen, maar waar niemand echt thuis is. Iedereen is op zoek naar iets. Je kan de energie en de interne struggle van andere mensen echt voelen. Ik ben de laatste om te zeggen dat New York de meest fantastische plaats is om te leven, maar ik begrijp heel goed waarom het zo’n mekka is voor creatieve zielen. New York is woelig, excentriek en extreem.»Veto: Zou je zonder muziek totaal verkommeren?Whitley: «Ja. (lacht) Ik heb niet het gevoel dat ik ooit voor muziek heb moeten kiezen. Het was gewoon overduidelijk aanwezig. Ik moest alleen nog met de stroom van mijn eigen rivier meegaan. Ik heb mij ook nooit afgevraagd wat ik zou doen als het niet zou lukken. Zelfs als ik niet van mijn muziek kan leven en een andere job moet zoeken, zal de muziek er altijd zijn. Die voortdurende aanwezigheid is enerzijds een enorme luxe, maar anderzijds ook een grote verantwoordelijkheid. Ik beschouw het als mijn taak om de muziek te exploreren en erin te blijven groeien.»Selah SueVeto: De nieuwe generatie soulzangeresjes, met onder andere de Leuvense Selah Sue, breekt door bij het grote publiek. Jij bent succesvol, maar je publiek is minder breed. Vind je dat storend?Whitley: «Nee, daar heb ik me bij neergelegd. Ik denk niet dat Selah Sue op dezelfde manier op zoek is naar een stimulans voor haar geest en haar creatieve ontwikkeling. De meerderheid is daar trouwens helemaal niet mee bezig. Intellectuele diepgang is niet iets waarnaar de massa op zoek is. Dat is soms wel een beetje frustrerend. Hoe komt het dat de massa dingen zonder diepgang verkiest? (snel) Ik gebruik Selah Sue absoluut niet als voorbeeld hè! Hoe komt het dat mensen zo vaak massaproducten door hun strot laten rammen? Ik denk dat de massa soms niet zo goed nadenkt, maar dat stoort me niet meer. Ik heb nooit echt bij de massa gehoord. Ik geloof niet alles wat me met de paplepel wordt ingegeven en ik stel voortdurend vragen. Ik heb me erbij neergelegd dat ik nooit een massaproduct zal zijn.»“Ik zal nooit een massaproduct zijn”