Wegvallen provinciaal cultuurbudget baart verenigingen zorgen

Dossier Amateurkunsten

18 april 2016
Artikel
Auteur(s): Heidi Van Rompuy
De provincies zullen vanaf 2017 geen cultuurbeleid meer voeren. Wat er met dat cultuurbudget zal gebeuren, is nog onduidelijk. “Die onzekerheid is zenuwslopend,” klinkt het.

“Minister Gatz (Sven Gatz, van Cultuur (Open VLD), nvdr.) garandeert dat het niet om een besparingsoefening gaat,” vertelt Elke Verhaeghe van het Forum voor Amateurkunsten. Het bestaande budget zou worden behouden en overgeheveld worden naar de Vlaamse overheid, of naar de lokale besturen. Al lijkt die tweede optie minder waarschijnlijk.

“We weten nog steeds niet over welke som het gaat en op welke manier dat gaat gebeuren,” vertelt Denise Vandevoort (sp.a), schepen van cultuur in Leuven. “Er was ons beloofd dat er tegen deze periode duidelijkheid zou zijn, maar die is er nog niet. Niet alleen voor de verenigingen zelf, maar ook voor het lokale beleid zijn die vraagtekens zenuwslopend.”

“Wie het doet is niet belangrijk, zolang er snel duidelijkheid komt”

Denise Vandevoort, schepen van cultuur (sp.a)

Het provinciale bestuursniveau voorziet op dit moment vooral in de subsidiëring van de “betere” amateurkunsten (zie kader). “Provincies kiezen er vaak voor niet alle verenigingen te ondersteunen,” legt Verhaeghe uit. “Daarom is kwaliteit op het provinciale niveau al meer een uitgangspunt dan bij de lokale besturen.”

Versnippering

Of het de overheid of het lokale bestuursniveau zal zijn die vanaf 2017 het budget beheert, blijft een vraagteken. “De sector zou graag hebben dat het geld naar Vlaanderen gaat,” zegt Verhaeghe. “Zo kan je werken met één groot budget in plaats van het te versnipperen. Bovendien ben je dan zeker dat het geld voor cultuur wordt gebruikt.”

Bovendien blijft het ook afwachten of de Vlaamse overheid de opdracht in dat geval zelf op zich zal nemen, of een organisatie uit het veld zal aanduiden om het budget te beheren. Het Forum voor Amateurkunsten, dat nu al dienst doet als spreekbuis, is alvast kandidaat. “Wij zijn bereid bepaalde taken over te nemen,” klinkt het.

Schepen Vandevoort ziet echter ook mogelijkheden bij de steden en gemeenten: “Wij staan als stadsbestuur het dichtste bij de verenigingen.”

“Al blijft het het belangrijkste dat het geld effectief bij de kwaliteitsvolle verenigingen terecht komt,” nuanceert ze. “Zolang er maar snel duidelijkheid komt welk beleidsniveau de taak op zich zal nemen.”

Het Beleidsdomein Cultuur van de Vlaamse Overheid was niet bereikbaar voor commentaar.

Dit artikel is onderdeel van het dossier Amateurkunsten. Het andere deel vind je hier.

WTF subsidiëring?

De financiering van amateurkunsten gebeurt op drie niveaus. Eerst en vooral subsidieert de Vlaamse overheid enkel de negen erkende landelijke amateurkunstenorganisaties, zoals Opendoek en Danspunt. Zij hebben de taak kunstenaars binnen hun discipline te ondersteunen. Daarnaast subsidieert de overheid ook het Forum voor Amateurkunsten, dat dienst doet als overlegcentrum en aanspreekpunt voor de hele amateursector.

Het tweede niveau, dat binnenkort verdwijnt (zie artikel), is het provinciale bestuursniveau. Zij delen subsidies uit aan de “betere” lokale kunstenaars. Dat gebeurt dat aan de hand van wedstrijdsystemen of projectsubsidies.

Tot slot is er het lokale bestuursniveau van steden en gemeenten. Verenigingen die bij de gemeenteraad zijn aangesloten, kunnen rekenen op een bijdrage.