Wat als mama en papa niet betalen?

Het leven van beurs- en werkstudenten onder de loep

09 April 2018
Artikel
Auteur(s): Lien De Proost
Het inschrijvingsgeld, de huur van je kot en de dagelijkse Stella’s maken van studeren een dure bedoening. Maar wat als je ouders je financiëel niet bijstaan? Studeren en werken tegelijk: lukt dat?

Waarnaartoe?

Als een financiële barrière je tegenhoudt om te studeren, is de strijd niet meteen verloren. Er zijn verschillende opties die je de nodige ondersteuning kunnen bieden om er toch in te vliegen. De eerste optie is het meest bekend: de studietoelage van de Vlaamse Overheid. Als je hier recht op hebt, val je officieel onder het statuut van beursstudent. In het vorige academiejaar ontving ruim 16 procent van alle KU Leuven studenten een studietoelage van de Vlaamse Overheid.

Maar hier stopt het niet. Ook de Sociale Dienst van de KU Leuven zelf kan je van de nodige financiële hulp voorzien. ‘Elke student die bij ons langskomt, onderwerpen wij aan een systeem van criteria op basis waarvan wij een extra toelage berekenen. We houden rekening met gezinssamenstelling, gezinsinkomen, kot- of pendelstudenten, enzovoorts’, klinkt het bij Joke Storme, coördinator van de Sociale Dienst.

'Studenten denken vaak dat het stopt bij de toelage van de Vlaamse Overheid, wat zeker niet het geval is'

Joke Storme, Coördinator sociale dienst

Maar die financiële bijdrage is niet het enige wat de Sociale Dienst kan bieden. ‘Als je het financieel moeilijk hebt, kunnen wij je ook helpen met ons aanbod in residentiekoten, tweedehandslaptops, leningen, voorschotten en tussenkomsten in therapiekosten’, zegt Storme. In het academiejaar 2016-2017 kregen bijna 1050 studenten één of andere tussenkomst van de Sociale Dienst van de KU Leuven.

Toch zijn er veel studenten die niet voldoende op de hoogte zijn van alle mogelijkheden bij financiële moeilijkheden. ‘We bereiken momenteel zeker niet elke student die recht heeft op een financiële bijdrage. Onze dienst en alle verschillende mogelijkheden zijn nog veel te onbekend. Studenten denken vaak dat het stopt bij de toelage van de Vlaamse Overheid, wat zeker niet het geval is’, stelt Storme. Toch kan zelfs de combinatie van alle toelages je vaak niet van een volledig structureel inkomen voorzien. ‘Het Student Career Center van de KU Leuven staat daarom ook altijd klaar om voor iedereen een gepaste en leuke studentenjob te vinden’, klinkt het.

Werken en studeren: een vloek of een zegen?

Studeren is een fulltime job, zeggen ze weleens. Maar wat als je hiernaast ook nog een echte job hebt? Overdag zware cursussen statistiek achterover slaan en in de avond tot in de late uurtjes zwoegen in de horeca. Hoe doen ze dat toch, die werkstudenten?

Een aanvraag voor het statuut werkstudent wordt erkend als je kunt bewijzen minstens 80 uur per maand te werken, wat natuurlijk al een grote hap uit je wekelijkse tijdsbesteding is. Daarnaast ook moeten studeren, vraagt om een groot talent tot plannen. ‘Ik heb veel moeite gehad met plannen toen ik net begon als werkstudent’, stelt Sophie. ‘Vooral omdat ik dacht en hoopte dat ik hetzelfde studentenleven kon leiden als mijn medestudenten, dus met uitgaan, veel drinken, een leuk sociaal leven, hobby’s, enzovoort. Dit bleek niet zo vanzelfsprekend.’ Ook Eva kan hierover meespreken. ‘Ik heb de combinatie werken en studeren zwaar onderschat. Ik werk voor Greenpeace en sta hele dagen recht. Het is intellectueel geen uitdagende job, maar wel heel vermoeiend’, stelt ze.

'Omdat mijn werk nodig was om in mijn levensonderhoud te voorzien, was de neiging groot om dit altijd te laten voorgaan op mijn studie'

Sophie, werkstudent

Het is niet evident om zowel op je werk als voor je studie buitengewoon goed te presteren. ‘Na het werken is het erg zwaar om voor school nog iets te doen. Zelfs op vrije dagen wordt het moeilijker om je echt voor je studies in te zetten. Mijn studieresultaten liggen dan ook veel lager dan toen ik nog niet werkte’, zegt Eva. Ook voor Sophie valt dit op. ‘Omdat mijn werk nodig was om in mijn levensonderhoud te voorzien, was de neiging groot om dit altijd te laten voorgaan op mijn studie, en die dan ook minder serieus te nemen’, stelt ze.

Toch is de combinatie van werk en studie ook zeer waardevol en leerrijk. ‘Ik denk dat het voordelig kan staan op je CV. Ik heb veel bijgeleerd, goed leren plannen, prioriteiten weten stellen en weet dat ik een loyale werknemer ben. Het is voordelig dat je weet hoe de wereld eruitziet buiten het studentenleven. Een ‘gewone werkmens’ zijn, helpt om je horizon te verbreden’, stelt Sophie.

Maximumfactuur

Om het makkelijker te maken om op voorhand een idee te krijgen van hoeveel een opleiding nu daadwerkelijk zal kosten, werkt de KU Leuven op dit moment aan een maximumfactuur voor elke bacheloropleiding afzonderlijk. Er wordt per opleiding gewerkt naar een studiekostenplan en een gemiddelde norm. Van deze norm mag de totale kost niet te sterk afwijken.

‘Twee doelen zijn belangrijk.’ zegt Ruth Stokx, hoofd van de Studentenadviesdiensten, ‘Ten eerste willen we werken naar totale transparantie. Iedereen moet echt weten wat hem te wachten staat qua jaarlijkse kosten. Ten tweede is het drukken van de kosten belangrijk. We brengen deze gemiddelde maximumfactuur naar de POC van elke opleiding, zodat zowel studenten als professoren hier inzicht in krijgen en bewust worden van waar de eventuele hoge kosten vandaan komen. Zo kunnen we bijvoorbeeld onnodige kosten opsporen en drukken.’

‘Je hebt voor studenten die langskomen een veel beter beeld van de totale, feitelijke kost, waardoor je ze veel gerichter kan helpen en echt kan berekenen hoeveel financiële steun ze nodig hebben'

Ruth Stockx, hoofd Studentenadviesdiensten

Ook voor de Sociale Dienst zal deze maximumfactuur een handig instrument zijn. ‘Je hebt voor studenten die langskomen een veel beter beeld van de totale, feitelijke kost, waardoor je ze veel gerichter kan helpen en echt kan berekenen hoeveel financiële steun ze nodig hebben’, zegt Stockx.

Het project vergt een enorm grote werklast. ‘Een totaalkost berekenen is makkelijker gezegd dan gedaan. Studenten kunnen bijvoorbeeld vaak keuzevakken opnemen. Ook zijn bepaalde opleidingen veel duurder dan andere. We kunnen aan geneeskunde of architectuur en humane richtingen natuurlijk niet dezelfde norm opleggen’, aldus Stockx. ‘Wat we doen, is enorm zinvol, maar omwille van die hoge werklast zal het nog wel even duren voor we klaar zijn met de 48 verschillende bacheloropleidingen.’ Zodra het project afgerond is, zal het voorgesteld worden op de onderwijsraad.