Tegen de Stroom in: Tussen twee werelden

Een onderdompeling in het alledaagse leven van een Syrisch gezin in Europa

02 May 2016
Reportage
Auteur(s): Brecht Castel
De Syrische familie Suliman woont nu in een Duits dorp. Ze stellen het zeer goed, maar dat is niet evident. Duitse vrienden maken is moeilijk, de oorlogsherinneringen dreunen na en er is soms heimwee.

Vier dagen verblijf ik bij de familie Suliman in het dorp Jugenheim. Alaa Eddin is 21 en stelt zichzelf meestal voor als “Alladin”. Sinds eind 2014 woont hij in een klein appartement met zijn broer Mohamad, zijn zus Fatima en zijn ouders Mahmoud en Amira.

Hoewel ik de familie niet ken, word ik ontvangen als een broer. Alaa Eddin zegt dat ik in zijn bed mag slapen en dat hij op de zetel slaapt. Hij staat erop: “Syrische gastvrijheid.” Ik slaap in het bed van Alladin, maar dit is geen sprookje. Het is een onderdompeling in het alledaagse leven en de toekomstdromen van een Syrisch gezin in Europa.

Vergelding

’s Ochtends heb ik een lang gesprek met de goedlachse vader van het gezin. Mahmoud is de trotse opa van negen kleinkinderen. In Syrië maakte hij carrière bij een luchtvaartmaatschappij. Hij was rijk, maar in 2011 vloog hij plots in de gevangenis.

In de lente van dat jaar ging er een revolutiegolf over de Arabische wereld. In Syrië werd de opstand bloedig onderdrukt door het regime van Bashar al-Assad. “Ik werd zomaar opgesloten in een cel van 1,70 op 3 meter met tien personen,” vertelt Mahmoud. “Slapen was onmogelijk. Gelukkig kon ik na een week vrijkomen, omdat mijn broer connecties had.”

Kort daarna besloot Mahmoud ontslag te nemen als manager op de luchthaven van Damascus. Het leek hem beter om thuis af te wachten hoe de situatie zou evolueren. “Aan een controlepunt werd iemand drie uur lang geslagen met stokken en een riem. Een vermoeden van betrokkenheid bij de revolutie was daarvoor voldoende. We waren bang om buiten te komen.”

Een afsplitsing van het leger van Assad begon zich in die periode te organiseren als het Vrij Syrisch Leger. Na een nederlaag van dat opstandig leger in juli 2012 volgde een vergelding in de stadswijk van Mahmoud. “De troepen van Assad trokken de stad in en vermoordden in een paar uur tijd iedereen op straat. Van acht tot tachtig jaar oud, iedereen. Met mijn gezin kon ik gelukkig tijdig vluchten.”

"Aan een controlepunt werd iemand drie uur lang geslagen met stokken en een riem"

Mahmoud Suliman

Een maand later gebeurde opnieuw iets soortgelijks. “Nadien legde het leger de lijken op een hoop, gooide er benzine over en stak ze in brand. Tussen de lijken lagen echter ook gewonde mensen die nog niet dood waren.” Terwijl Mahmoud mij die gruweldaden vertelt, bakt zijn vrouw Amira omelet voor het ontbijt.

Olijven

“Daarna plaatste het leger scherpschutters op de daken. Elke dag schoten ze een paar mensen neer. Een vrouw droeg een baby van één jaar. Eerst werd de baby doodgeschoten en dan de moeder. In die periode dacht ik: wat moet ik toch doen?” Mahmoud zag twee opties: zich aansluiten bij het Vrij Syrisch Leger of naar het buitenland gaan. “Bij die eerste optie was de kans groot dat mijn zonen zouden sneuvelen, dus besloot ik om naar Egypte te gaan.”

In Egypte werkten Alaa Eddin en Mohamad twaalf uur per dag voor zeer weinig geld, als ze geluk hadden. “Daar was geen toekomst voor mijn zonen,” denkt Mahmoud terug aan die zware jaren in Caïro. Eind 2014 kon het gezin naar Duitsland komen.

"Een scherpschutter schoot eerst een baby en dan de moeder dood. In die periode dacht ik: wat moet ik toch doen?"

Mahmoud Suliman

Amira maakt duidelijk dat we bijna kunnen eten en dus legt Mahmoud zijn monoloog neer. Hij gaat naar de badkamer en ik kijk nog even waar Mohamad mee bezig is. Vaak kijkt hij voetbalfilmpjes met de kunsten van Cristiano Ronaldo op zijn laptop, maar nu speelt een nieuwsverslag met Engelse onderschriften. Hij vraagt mij om het te vertalen naar het Duits. Het gaat over de paus die een vluchtelingenkamp op Lesbos bezoekt. Mahmoud komt uit de badkamer en kijkt mee. De 62-jarige man kan zijn tranen niet meer onderdrukken. Ik geef hem een schouderklopje om toch iets te doen.

“Elke nacht droom ik van Syrië, maar ik verplicht mezelf om er overdag niet aan te denken,” zegt hij tijdens het ontbijt. Toch blijkt dat moeilijk. Ook in de olijven op tafel zit zowel de warme herinnering aan zijn vooroorlogse thuisland, als de oorlog zelf.

“Eeuwenoude olijfbomen stonden er op mijn landgoed. Ik gaf daar vaak feesten met lam aan het spit. Veel olijfgaarden branden nu af door vatenbommen. Of ze worden gekapt tijdens de strenge winters als brandhout. Mensen eten nu ratten en gras.” Het lijkt alsof ik naar mijn opa luister, die jeugdherinneringen aan de Tweede Wereldoorlog vertelt. Maar ik zit aan een Syrisch ontbijt in een Duits dorp en de herinneringen zijn vers.

Endoscopie

Vijftig dagen na hun aankomst in Jugenheim gaf Alaa Eddin een speech op een dorpsfeest om in naam van de vluchtelingen het dorp te bedanken. Iemand had zijn Arabische tekst omgezet naar fonetisch Duits. Meer dan een jaar later spreekt Alaa Eddin goed Duits én Engels. Samen met Mohamad volgt hij elke dag vijf uur Duitse les en Engels leerde hij door veel popmuziek te luisteren.

Ook papa Mahmoud wil Duits leren, maar een uur les per week van een lieve man in het dorp volstaat niet. “Ik zoek een Duitse vriend om dagelijks mee te oefenen, maar die is moeilijk te vinden...” Hij kijkt veel Duitse natuurdocumentaires en start binnenkort met een intensievere cursus. Maar op zijn leeftijd is een nieuwe taal leren moeilijk en dat frustreert hem.

"Elke nacht droom ik van Syrië, maar ik verplicht mezelf om er overdag niet aan te denken"

Mahmoud Suliman

De twee jongste zonen van Mahmoud volgen naast hun Duitse les ook rijlessen en hebben een betaalde stage beet. Alaa Eddin werkt als computerhersteller, Mohamad werkt in de auto-elektronica. Het zijn lange dagen, maar ze zijn heel blij dat ze een klein inkomen hebben. Hun zus Fatima werkt in de kinderopvang.

“Alleen Amira en ik hebben geen job. Niemand wil ons,” lacht Mahmoud. Samen met zijn vrouw hoopt hij een krantenwinkel te beginnen. Stilzitten is niets voor hem, maar er zit niets anders op. Voorlopig leeft hij tussen twee werelden: Syrië en Duitsland. Het recente verleden en de mogelijke toekomst. Dinsdag moet Mahmoud een endoscopie ondergaan. Maar eigenlijk weet hij de uitkomst al. Met een halve bulderlach wijst hij eerst naar zijn buik en dan naar zijn hoofd: “Het probleem zit niet hier, maar hier.”

“Zoals veel Syriërs heb ik stress,” zegt Mahmoud. Hij herhaalt het woord stress een paar keer, maakt met zijn handen wilde gebaren rond zijn hoofd en legt dan uit wat hij bedoelt: “We zijn constant bezig met hoe het met onze vrienden en familie in Syrië of elders gaat. In Caïro was ik acht uur per dag het nieuws over de revolutie aan het volgen op het internet of aan het bellen. Dat stopt nooit.”

Vrienden

Die stress kan een van de oorzaken zijn waarom sommige Syriërs niet voldoende initiatief nemen om iets te maken van hun leven in Duitsland of om de taal te leren. “Daaraan erger ik mij soms bij Syrische vrienden,” vertelt Alaa Eddin. “Ze zeggen wel dat ze iets gaan doen, maar het gebeurt niet. Ik spoor hen soms aan om meer te proberen, maar dat is een moeilijke boodschap.”

Alaa Eddin is een open persoon en doet wel veel moeite. Toch blijkt écht contact maken met Duitsers moeilijk. “Mensen zijn meestal heel vriendelijk, maar ik voel toch een afstand. Verder dan vriendelijk zijn, gaat het niet. Soms word ik ook genegeerd, dat is echt pijnlijk. Als je “hallo” zegt tegen iemand en die doet gewoon alsof je niet bestaat; daar kan ik niet bij.”

“Ik erger me soms aan Syrische vrienden die niet genoeg initiatief nemen om Duits te leren”

Alaa Eddin Suliman

“Mijn collega’s van de computerreparatie zijn gewoon collega’s zonder meer. Na het werk iets gaan drinken zit er niet in. Ik heb wel veel vrienden van andere landen, buitenlandse studenten bijvoorbeeld. Maar met Duitsers ligt dat blijkbaar moeilijker. Hoe kan ik de Duitse cultuur leren begrijpen zonder Duitse vrienden? Tja, het zal wel komen...”

Desondanks bouwt Alaa Eddin hier een leven op en hoopt hij een universitair diploma te halen. Waar uiteindelijk zijn toekomst ligt, weet hij nog niet. “Enerzijds wil ik na de oorlog zeker terug naar Syrië, want het is mijn land. Anderzijds zal ik tegen dan hier iets hebben opgebouwd. Het zal sowieso een moeilijke beslissing worden.”

Voetbal

Op zaterdagavond komt er altijd familie over de vloer bij de Sulimans. Adnan is een andere broer van Alaa Eddin en woont al langer in Duitsland. Dankzij hem zijn ze naar hier kunnen komen. Hij zet plastiek zakken vol met groenten en fruit op tafel. Adnan weet dat zijn vader het krap heeft met het geld dat hij krijgt van de Duitse overheid. Ik vraag me af hoe het voelt om als voormalig manager eten van je zoon te moeten krijgen en geld van de overheid. Mahmoud is ontzettend dankbaar, maar heeft wellicht al vaak zijn trots moeten inslikken.

Na de heerlijke kookkunsten van Amira blijft het vuur nog even opstaan. Er worden kooltjes op verhit voor de waterpijp. Adnan stelt ondertussen wat vragen over mijn reis. “Ah, je vlucht met de fiets voor het terrorisme in België? En dan kom je bij ons terecht...” grapt hij. “En hoeveel kost je fiets? Die ga ik straks pikken!” We lachen samen de vooroordelen over vluchtelingen weg, maar hij lacht wat groen. Kort daarna zegt hij even ernstig hoe erg hij het vindt dat zijn godsdienst en moslims geassocieerd worden met die terreurdaden. Dan kijken we wat grappige filmpjes op YouTube, drinken alcoholvrij bier en de Sulimans lurken aan de shisha.

Na een nacht slaap betekent zondag ook in Jugenheim voetbal. “Ik had me aangesloten bij de lokale club hier, maar dat werkte echt niet. Ze lieten mij vooral alleen spelen en veel interactie was er niet. Dan ben ik ermee gestopt,” vertelt Alaa Eddin. “Nu kan ik veel beter Duits dan toen, dus misschien probeer ik het opnieuw bij een andere club.”

Voorlopig speelt hij voetbal met zijn Syrische vrienden en familie op het veld naast die club. Vandaag speel ik mee en er is ook nog één jonge Duitser. Op ons na is de situatie helder: op het ene veld spelen twee Duitse ploegen en op het andere twee Syrische. Zo gaat het eraan toe op een zondag in Jugenheim in 2016.

Onze reporter fietst van Leuven naar de Balkan op zoek naar verhalen over migratie en integratie.

Volg de reportagereeks 'Tegen de Stroom in' ook op Facebook.