Nieuwe stuurgroep denkt na over technologie in de les

Stuurgroep hoopt visie klaar te hebben tegen juni 2017

28 november 2016
Artikel
Auteur(s): Margot De Boeck
De mogelijkheden van moderne technologie zetten het leermodel van klassieke hoorcolleges op de helling. De KU Leuven richt een stuurgroep op die nieuwe technologieën optimaal integreert.

Internet, video’s, geluidsfragmenten, flashy powerpoints: de manieren voor de ijverige professor om zijn lessen op te leuken zijn eindeloos. COBRA, het kwaliteitszorgsysteem van de KU Leuven, opende de discussie op de onderwijsraad van de universiteit over de rol van al die moderne technologie in ons onderwijs.

'MOOCs (Massive open online courses, red.) spelen daarin een belangrijke rol, maar vormden vooral de aanleiding om te komen tot een overkoepelende visie aan de universiteit op onderwijstechnologie', licht Anneleen Cosemans toe, lid van de nieuwe stuurgroep. De stuurgroep met ICT- en onderwijsexperts hoopt de visie klaar te hebben tegen juni 2017.

Uitgestorven professor

De ontwikkelingen gaan veel breder dan online een les bijwonen. 'Een andere belangrijke vernieuwing waarnaar de laatste jaren aan de KU Leuven aandacht ging, is het inrichten van een aantal collaboratieve leerruimtes. Deze vernieuwde ruimtes dienen om met grotere groepen op een meer interactieve en activerende wijze aan de slag te gaan en faciliteren verschillende werkvormen,' zet Cosemans uiteen. Denk aan Agora: door een aantal ingrepen met tafels en computerschermen zijn de groepswerkruimtes er multifunctioneel.

'De rol van de docent wordt allesbehalve gereduceerd'

Anneleen Cosemans, lid van de nieuwe stuurgroep

Groepswerken, online lessen, videomateriaal: een professor zou zichzelf nog overbodig kunnen beginnen voelen. Toch is docent geen uitstervend beroep: 'De rol van de docent wordt allesbehalve gereduceerd', benadrukt Cosemans. 'Het is net onze uitdaging om professoren nieuwe onderwijstechnologieën aan te reiken en hen in een doordacht gebruik ervan te ondersteunen.'

Geen Hollywood

Precies daarvoor dient ook voorganger van de nieuwe stuurgroep, LIMEL, het Leuvens Instituut voor Media en Leren. Anke Pesch, hoofd van LIMEL, licht toe: 'Samen met de professor gaan we na of een video het ideale medium is om zijn boodschap over te brengen.'

Er moet bij videomateriaal namelijk met heel wat rekening gehouden worden: 'Het verschil met een weblecture, een opname van de volledige les, is groot.' De clips duren doorgaans zes minuten, hebben een andere opbouw en mogen minder herhaling bevatten.

Al is LIMEL nog geen tegenhanger van Hollywood. 'Wij verzorgen videomateriaal, maar dat zijn vooral animaties of non-fictie videoproducties. Acteurs huren we slechts zelden in', lacht Pesch.