Jasper Stuyven: ‘Wielerfans staan niet te springen voor het vrouwenwielrennen’

Navraag

27 February 2017
Interview
Het Vlaamse wielervoorjaar is vorig weekend van start gegaan. Leuvenaar Jasper Stuyven wil daarin een hoofdrol spelen.

Jasper Stuyven (24) brak vorig seizoen helemaal door tijdens de klassieke wedstrijden. De Leuvenaar werd vijfde in de E3 Harelbeke en won Kuurne-Brussel-Kuurne. Prestaties die ook zijn team Trek-Segafredo niet zijn ontgaan. Het beloonde Stuyven met een contract tot 2018. Dit seizoen is Stuyven, samen met de Duitser John Degenkolb, speerpunt van de ploeg in de kasseiklassiekers.

Zaterdag opende hij de finale van de Omloop Het Nieuwsblad op de Taaienberg en werd hij achtste. Zondag werd hij tweede in Kuurne-Brussel. Veto sprak hem net voor het Vlaamse openingsweekend.

Heb je je deze winter anders voorbereid?
Jasper Stuyven: ‘Ja, ik heb voor het eerst in de fitness gezeten. Daarnaast ben ik ook later begonnen met intensieve trainingen en ik heb er iets meer gedaan. Daardoor zal mijn vormpiek wat later op het seizoen liggen. Ik wil in topconditie zijn van de E3 Harelbeke tot Parijs-Roubaix.’

Welke concurrenten gaven je al een goede indruk?
‘Iedereen eigenlijk. Niemand stak er bovenuit of was ondermaats. Als jonge verrassingen tip ik de Deen Søren Kragh Andersen (van Team Sunweb, red.), die een rit won in Oman, en de Nederlander Dylan van Baarle (die rijdt voor Cannondale-Drapac, red.).’

'Ik heb nog altijd maar Kuurne-Brussel-Kuurne gewonnen'

Je reed vorig jaar in de ploeg met Fabian Cancellara. Wat heb je juist van hem opgestoken?
‘Ik vind dat altijd een onnozele vraag. Zoiets kan je niet beschrijven: je zit niet op de schoolbanken bij hem. Als renner interpreteer je hoe hij rijdt in het peloton, met de sponsors omgaat, zijn race indeelt enzovoort. Maar dan moet je nog altijd zelf beslissen of je er iets mee doet. Zijn kalmte in de koers heb ik wel van hem opgestoken. Op dit moment heb ik trouwens geen contact meer met Fabian. Hij is geen vriend geworden, maar dat is ook logisch. Hij is tien jaar ouder en heeft een gezin.’

Druk

Vorig jaar won je vroeg in het seizoen Kuurne-Brussel-Kuurne. Geeft zo’n zege gemoedsrust?
‘Vorig jaar heb ik inderdaad gemerkt dat winnen in het begin van het seizoen zeker belangrijk is. Anderzijds ben ik een renner die dat goede gevoel niet per se uit een overwinning haalt. Door bepaalde acties te kunnen doen, zoals mijn aanval vorig jaar in de Omloop, krijg ik ook die rust. Al betekent een overwinning natuurlijk net dat ietsje meer.’

Geeft het extra druk als de ploeg in jouw dienst rijdt?
‘Nee, ik ervaar dat helemaal niet als druk.’

Heb je inspraak in de samenstelling van de ploeg in koersen waar jij kopman bent?
‘Zoveel status heb ik nog niet, nee. Ik heb nog altijd maar Kuurne gewonnen, hè (lacht). In onze ploeg is het vooral ploegleider Dirk Demol die de ploegen voor de klassiekers opstelt.’

Modern wielrennen

Het bedrijf Sporthouse verzorgt sinds kort je sociale media. Hoe gaat dat in zijn werk?
‘Zij komen met ideeën voor filmpjes, Facebook Lives enzovoort: manieren om mijn sociale media te verzorgen. Daaruit kunnen dan ook commerciële deals volgen. Tenminste als ik als renner voldoende resultaten rijd. Het ene werkt het andere in de hand.’

‘Zulke vormen van fan engagement zijn belangrijk voor mij, want zo maak je jezelf als merk sterker. Dat hoort nu eenmaal bij het wielrennen van de toekomst. Peter Sagan en mijn ploegmaat John Degenkolb doen dat bijvoorbeeld ook.’

Is dat een van de manieren om het wielrennen moderner te maken?
‘Ja, maar er moet nog veel meer gebeuren om het wielrennen echt naar de 21ste eeuw te brengen. De basis daarvoor is het businessmodel van het wielrennen dat moet wijzigen. Ik denk daar wel over na, maar ben niet van alle belangen op de hoogte.’

Iets waar nu mee geëxperimenteerd wordt bij wieleruitzendingen is het tonen van hartslagen en snelheden van renners. Ben jij voorstander?
‘Dat kan wel interessant zijn, maar als renner heb je dat liever niet. Stel dat je kapot zit en de concurrentie weet dat al door die hartslag ... Van pokeren komt dan niet veel meer in huis. Alles zal nog meer gestuurd worden. Zeker als ploegen dan iemand in dienst nemen om al die data specifiek op te volgen.’

Nog zo’n experiment was om tijdens de live uitzending Ronde Van Vlaanderen voor mannen beelden te tonen van de vrouwenwedstrijd. Is dat een goed idee?
‘Eerlijk gezegd denk ik niet dat de wielerfans staan te springen voor het vrouwenwielrennen. Dat gaat het niet interessanter maken. Zelf volg ik het vrouwenwielrennen ook niet echt. Als ik iets zie passeren over de grote klassiekers, bekijk ik het wel, maar zelf ga ik er niet actief naar op zoek.’

Studentenleven

Deze winter was er veel te doen over het feit dat sommige renners uitzonderingen krijgen om producten als cortisone te gebruiken als er therapeutische noodzaak is. Wat vind jij daarvan?
‘Ik vind dat renners die zo’n uitzondering krijgen toch niet mogen koersen. Dat is redelijk kort door de bocht, maar het sluit wel het dichtste aan bij mijn mening.’

Je studies kinesitherapie heb je stopgezet voor je sportcarrière. Mis je het echte studentenleven niet?
‘Ik zie dat helemaal niet als een opoffering, want ik krijg er veel andere dingen voor terug. Wie kan er zeggen dat hij op zijn 18de bijna een jaar in de States heeft gewoond? Bijna niemand, hè. (Jasper Stuyven reed twee seizoenen voor het Amerikaanse Bontrager-Livestrong waar Axel Merckx ploegleider was, red.) Dat zijn heel andere ervaringen dan het studentenleven, maar minstens even leuk.’

‘Ik voel ook helemaal geen nood om elke week te gaan feesten. Als student ben ik nooit uitgegaan op de Oude Markt. Na een training ga ik soms wel een koffie drinken in Koffie Onan.’

'Waarom zou ik wachten op Tom Boonen?'

Tot slot hebben we nog twee mogelijk scenario’s voor 9 april 2017, de dag van jouw favoriete koers Parijs-Roubaix. Scenario één: Je bent weg met Tom Boonen en hebt een geruststellende voorsprong op de rest van het peloton, maar Boonen rijdt lek net voor het opdraaien van de piste. Wat doe je?
'(meteen) Rijden! Waarom zou ik wachten op een Tom Boonen? Het is niet oneerlijk om zo te winnen.’

Scenario twee: Je draait de piste op met een klein groepje. Je ploegmaat John Degenkolb zit er ook bij en hij zegt dat hij zich zeker voelt over zijn sprint. Wat doe je?
'(lange stilte) Hmm, dan ga ik voor Degenkolb. Dan trek ik voor hem de sprint aan.’