IFTf Babylon: En toen waren er spanning en sensatie

IFTf-recensie: 'Nul'

13 mei 2019
Recensie
Auteur(s): Arne Sonck
Babylon brengt ‘Nul’, een spannende herwerkte detective naar het toneelstuk 'En toen waren er nog maar' van Agatha Christie over moord, schuld en boete.

Op een eiland afgezonderd van het vasteland worden tien bezoekers ontvangen. Allemaal zijn ze uitgenodigd op het eiland door een brief of telegram van een goede kennis, zonder echt te weten wat er te gebeuren staat. Op een tafeltje in de gastenruimte staan tien stenen beeldjes en aan de muur hangt een nursery rhyme die de dood van '10 kleine krijgertjes' aankondigt. Hun gastvrouw en -heer, de Owens, zouden hen moeten opwachten, maar blijken nog niet gearriveerd te zijn. Dan begint er een bandje te spelen: een krachtige stem spreekt elke bezoeker aan bij naam en uit voor elk van hen een gelijkaardige beschuldiging: Allemaal hebben ze de dood van iemand anders op hun geweten, en gerechtigheid zal hen toekomen.

Wanneer een van de bezoekers zich dodelijk verslikt in zijn whisky, begint bij de anderen te dagen wat het publiek al lang doorheeft: één voor één zijn ze bedoeld om te sterven, en een van hen is de moordenaar. Terwijl die moordenaar nauwgezet het patroon in het kinderrijmpje volgt, lopen de spanningen op. En onder die spanning bekennen steeds meer personages hun eigen misdaad, soms met een enorm schuldgevoel, anderen vergoelijkend of op het randje van waanzin. Hoe meer personages er sterven, hoe meer ze elkaar wantrouwen. 

De spanning om wie er als volgende sterft geeft een soort Game of Thrones-gevoel

De vaart zit erin bij 'En toen waren er nog maar', een toneelstuk van Agatha Christie, gebaseerd op een kindergedichtje met een erg problematische titel. Het publiek zit vaak op het puntje van zijn stoel en de spanning omtrent wie er als volgende sterft geeft een soort Game of Thrones-gevoel.

De regie, door Iris Verstraeten, kent aan de acteurs vrij evenwaardige rollen toe. Iets wat in studententoneel zeker een meerwaarde is. En toch komt het talent van de uitschieters zeer goed naar boven. Elke acteur kan dan ook een eigen indruk achterlaten. Een interessante regiekeuze is om de personages niet op het podium te laten sterven. Hun dood wordt enkel gesignaleerd door een rood licht, waarna de acteur een van de tien beeldjes wegneemt en afloopt, meestal gevolgd door een beschrijving van diens dood door de andere personages. Dit vermijdt amateuristische of cliché sterfscènes. Bovendien verhoogt het de spanning enorm: doordat personages elk moment onverwacht kunnen sterven en dus voortdurend gevaar lopen, wat de terreur in het stuk meer psychologisch en boeiender maakt. 

Wat minder goed werkt zijn de meer chaotische paniekscènes, waarin alle personages tegelijk uiting geven aan hun angst. Dit samenspel oogt rommelig, duurt te lang en kan niet echt overtuigen. Misschien was die paniek beter op een symbolische manier overgebracht of met een andere creatieve regie-interventie. Wanneer personages individueel uiting geven aan hun angst leidt dit soms wel tot sterke prestaties. Zo weet Anne Huyghebaert als Vera Claythorne, een secretaresse beschuldigd van het verdrinken van haar oppaskindje, het publiek mee te slepen in haar wanhoop en angst wanneer het tot haar doordringt dat ook haar de dood wacht. Ook door andere acteurs wordt het kantelmoment tussen zelfbeheersing en primitief zelfbehoud mooi uitgebeeld.

Wel hadden de personages nog wat dieper uitgewerkt mogen worden: elk van hen had iets op zijn geweten, maar bij weinigen werd er echt diep ingegaan op welke manier die daarmee worstelden of overgebracht met welke emotionele bagage ze naar het eiland waren gekomen. Ook het acteren had hierin nog gedurfder gemogen: soms afstappen van een typetje en naar een persoonlijke interpretatie toewerken kan een personage de hoogte in tillen. Ook had het acteerwerk zich fysiek nog gewaagder kunnen uiten en mochten acteurs meer de ruimte innemen door bijvoorbeeld met afstanden tussen elkaar te spelen. Desalniettemin zetten de acteurs sterke prestaties neer die men gerust ver boven het IFTf-gemiddelde mag plaatsen.  

Een sterke regie houdt de spanning hoog en haalt zeer mooie acteerprestaties uit haar acteurs

Met name Mathieu Lonbois, die vorig jaar nog een ijzersterke regie neerzette, is als John Mackenzie een grote meerwaarde aan het stuk. De socially awkward generaal, die de minnaar van zijn vrouw de dood ingejaagd zou hebben, verliest na het horen van zijn beschuldiging steeds meer de band met de realiteit. Ervan overtuigd dat zijn overleden vrouw bij hen op het eiland is, heeft hij desalniettemin als eerste door wat hen te wachten staat. Lonbois speelt met meesterlijke expressies en een sterk gevoel voor tempo een van de beter uitgewerkte personages. Wanneer de generaal op het randje van de waanzin staat en zijn moord bekent had hij nog verder mogen gaan in zijn acteren want hij bezit ongetwijfeld het talent om een nog krachtigere indruk na te laten.

Ook Alexine Jeurissen viel op als de nonchalante Alex Lombard, een van de weinige personages die zich niet schuldig voelde om de haar verweten feiten. Haar cynische ongepaste grappen werden door de andere personages zelden geapprecieerd, maar waren ronduit hilarisch. Vaak droeg Jeurissen eigenhandig de dynamiek van een hele scène en hield ze de interactie boeiend. Ten slotte verdient ook Lieselot Van den Broeck, als de idealistische rechter ‘Emma Wargrave’, een eervolle vermelding voor haar sterke prestatie. Ook Van den Broeck is vaak de stuwende kracht die op zichzelf een scène naar een hoger niveau draagt.

Babylontoneel zet met Nul wederom een krachtige voorstelling neer. Een sterke regie houdt de spanning hoog en haalt zeer mooie acteerprestaties uit haar acteurs. Ruimte voor verbetering blijkt voornamelijk uit het duidelijke potentieel van de regie en acteurs, wat ons alleen maar zin doet krijgen om volgend jaar te komen kijken wat daar nog meer uit te halen valt. 

CAST: Kaat De Beule, Felix Van Bladel, Sonia Mutaganzwa, Alexine Jeurissen, Yannis Tate, Liam Hamelryck, Lieselot Van den Broeck, Anne Huyghebaert, Mathieu Lonbois, Charlotte Maes

REGIE: Iris Verstraeten 

TECHNIEK: Leen Van Ende, Marijke Pollaris

GRAFISCHE VORMGEVING: Bastiaan De Groote, Veerle Verstraeten, Marjolein Goris

CREATIEVE MEDEWERKING: Birgit Bartels, Anna-Laura van der Zwaag, Nele Peeters