Haus am See

Een element uit het Leuvense studentenleven

06 mei 2019
Artikel
Auteur(s): Benno Debals
In een reeks van drie presenteren drie schrijvers een kortverhaal, waarin steeds een bepaalde ervaring of locatie van het Leuvens studentenleven centraal staat.

   ‘Wat is zijn kamernummer ook al weer?’
   ‘0402. En niet vergeten op het belletje te duwen he.’
   De bel gaat. ‘Ik ben daar over een minuutje’, horen we uit de parlofoon komen.
   Het vijfvoud van zijn eerder vermelde tijdsbestek later komt Rodriguez zijn voordeur uitgelopen. Een benevelde blik in zijn ogen, nog een vlek op zijn t-shirt en een geurtje dat ergens een combinatie is van overmatig drankgebruik, typische slaapgeur en een overdaad aan bodyspray. Jep, we hebben Rodriguez weer uit zijn siësta gehaald na een goed nachtje stampen in de Bierkelder. Verbaasd zijn Kevin en ik niet, want daar kun je hem vier op vijf nachten vinden. De vijfde keer zie je hem in de Revue.

   ‘Bon, waar gaan we heen?’
   Onze maandagnamiddag is elke week wel iets anders. De ene keer spelen we Lach Je Rijk of Monopoly, de andere keer gaan we poolen. Laatst waagden we ons een keer aan een snookerpartijtje, maar een uur en veel opgeborrelde frustratie later besloten we toch dat onze amateuristische speelstijl beter bij de kleine blauwe tafels paste.
   ‘We willen eens Risk spelen, kwestie van iets nieuws te proberen.’
   ‘Goed voor mij. Ik ben wel al vijf jaar ongeslagen in Risk, dus verwacht er maar niet te veel van he, jongens.’ Een typisch Rodriguez-statement, balancerend op het randje tussen simpel zelfvertrouwen en hoogmoedige arrogantie.

   We wandelen door het park, op weg naar onze favoriete fakbar om hem daar zijn woorden te laten opeten. Onderweg passeren we het zwervershol dat ook wel dienst doet als lokale drugshoek. De indringende geur van ons aller favoriete tuinkruid doet mijn neusharen trillen en ik moet ervan niezen. Vlug haal ik mijn gsm boven om het op te schrijven. Ik ben dat om een of andere reden beginnen bijhouden. Waar, wanneer, hoeveel keer. Vraag me niet waarom, het zij nu eenmaal zo. Rodriguez is duidelijk nog niet helemaal wakker, want hij ruikt niets. Ik zou het wel merken mocht hij iets geroken hebben, dan kwam er weer een of ander betoog over de decriminalisatie van drugs. Vlug wandelen we door voor hij van wal kan steken.

   Eenmaal in de arena van onze spelletjesnamiddag aangekomen, voelen we ons weer helemaal thuis. Een vochtige damp en een alomvattende walm die lijkt op een verlengsel van Rodriguez’ lijfgeur overspoelt ons. Restanten van een avond waar weer zeeën van bier - en waarschijnlijk ook enkele watervallen van braaksel - over de toonbank gingen. Ik wuif naar de knappe barvrouw en vraag om vier Fristi’s (dat is om onverklaarbare reden traditie geworden), Risk en haar nummer. Wie niet waagt, die niet wint, denk ik dan maar. Niet gewonnen, want mijn vraag wordt beantwoord met een minachtende blik. Ik geef mijn studentenkaart, met die domme foto van vier jaar en twintig kilo geleden, en krijg Risk in de plaats. De doos gebruik ik als een impromptu dienblad om de Fristi’s te dragen.

   Nog maar net gedaan met klinken, en daar is Bert al met onze lunch. Twaalf pizza’s voor vier man. Het is duidelijk weer stuntweek bij Domino’s. Hij vervoegt zich aan ons tafeltje en het potje Risk kan beginnen. De Fristi’s vliegen erdoor en maken snel plaats voor glazen boterhammen als bijgerecht voor onze Italiaanse hoofdschotel en als denkvoer voor de weloverwogen tactische zetten.

   ‘Hoe gaat het nog met Gretl?’ vraagt Rodriguez opeens. Daar heb je het. Je laat een keertje vallen dat je een oogje hebt op een jongedame en dat je dezelfde films goed vindt, en opeens ben je een match made in heaven.
   ‘Hoe het met haar is, moet je aan haar vragen’, antwoord ik, mijn standaard respons op dat soort vragen. Een futiele poging om het onderwerp de kop in te drukken.
   ‘Nee maar serieus, al progressie geboekt?’ vult Bert aan, met een smalende grijns op zijn gezicht. Liefdesperikelen en vrouwenavonturen, het blijft voer voor gesprekken en vooral voor dat o zo typische gesar onder 'de boys'.
   ‘Ik ga er eigenlijk vanavond iets mee drinken. We gaan naar een of ander concert kijken, Tigershark ofzoiets. Rare naam. Rare muziek ook. Interesseert me eigenlijk echt geen hol, maar als het met Gretl is, wil ik dat er wel bijnemen’, zeg ik met een knipoog.
   ‘Hola pola, de Joris heeft een date’, zeggen Kevin en Bert bijna in koor. Rodriguez is te druk bezig met Madagaskar in te palmen (want iedereen weet dat Risk op Madagaskar wordt uitgevochten) om op te letten.

   Kevin geeft me uiteindelijk nog een of andere tip mee die hij heeft geleerd van How I Met Your Mother, Rodriguez hakt de laatste legers van Bert in de pan en ik maak me al klaar om te vertrekken. Ik moet nog een taak afwerken, mij douchen en een interessante outfit kiezen. ‘Tot de volgende!’ roepen we elkaar toe terwijl we allemaal een andere weg op moeten. Tijdens het wandelen naar mijn fiets struikel ik met mijn lompe poten over het trottoir en ga ik op mijn bek. Hopelijk geen voorbode voor vanavond.