Fantasy: escapisme voor zwakkelingen of sociale creativiteit?

En waarom ook de kunst fantasy kan zijn

26 februari 2017
Artikel
In kunstencentrum STUK loopt momenteel de expo Artefact – The Act of Magic. De tentoonstelling neemt het creëren van een magisch moment als uitgangspunt maar niet het magische moment zelf. Of toch?

Magie: dat is kruidengenezers, tovenaars, heksen, toekomstvoorspellers, wonderbaarlijke natuurverschijnselen, rituelen en bovennatuurlijke wezens. Ze hebben lang een betrekkelijk grote rol gespeeld in de cultuur van de mensheid. Aan de ene kant als uitingsvorm, om een verklaring te geven aan het leven, anderzijds ook als een vluchtroute uit het dagelijkse bestaan.

Sinds de verlichtingstendens tot rationalisering de magie tot het rijk der fabelen verdrong, lijkt ze in de westerse wereld vooral nog terug te vinden in de fictie. Protagonisten in fantasy, science fiction en superheldenverhalen doen dingen die niet kunnen, zo denken we, of beter: die enkel in een andere wereld kunnen gebeuren. De lezer, de kijker, de gamer of gelijk welke fantast, inhaleert hun verhalen met grote teugen en verdwijnt even uit de redelijke, vertrouwde wereld.

Het is opvallend dat deze genres zo driftig geconsumeerd worden, terwijl het rationalisme de scepter zwaait en er in het dagelijkse leven maar voor weinigen echte magie te vinden is.

Door sceptici wordt over het escapisme dat daaruit volgt vaak laatdunkend gedaan. Wie fantasy schrijft, doet niet aan echte literatuur, zo klinkt het. Liefhebbers van het genre kunnen het leven niet aan en vluchten in verre verhaaltjes. Illustrerend is het stuk over FACTS in De Morgen, dat gewag maakte van ‘tienduizenden freaks’ die de beurs voor fantasyliefhebbers bezochten. Wat bezielt dat volk, vraag je je als weldenkende mens haast af.

Discriminatie

Uiteraard kan in zo’n vlucht uit de werkelijkheid een reëel gevaar schuilen. Kate Kangaslahti, die als gastprofessor Cultuurgeschiedenis doceert aan de KU Leuven, denkt dat de magische wereld voor een lezer moeilijker naar de dagelijkse omstandigheden te adapteren valt wanneer dat niet met mate gedaan wordt. ‘In zo’n geval kan het zeker een verslaving worden.’

Maar die ontsnappingsweg an sich heeft ook zo zijn voordelen. Neem nu de Harry Potter-serie. Voor velen is de reeks vooral geknipt om de ‘echte’ wereld even te vergeten, te ontsnappen aan de realiteit en in de huid van een ander te kruipen. Toch leerde Harry Potter ook een hele generatie wat discriminatie (modderbloedjes! dreuzels!) betekent en wat het met mensen doet. Fantasy en magie zijn daar bij uitstek geschikt voor, omdat ze verder van het dagelijkse leven verwijderd zijn dan realistische fictie.

'Een belangrijk verschil is dat escapisme vandaag meer groepsgebonden is dan individueel'

Kate Kangaslahti, professor Cultuurgeschiedenis KU Leuven

Kangaslahti vindt bovendien dat het escapisme is veranderd, in de zin dat ze socialer is geworden. ‘Neem nu het voorbeeld van een literaire fantasiewereld, waarbij je een boek leest, en zodanig helemaal geabsorbeerd wordt door het verhaal en die wereld. Dat blijft een interne vlucht in je diepste gedachten. ’

‘Maar nu, bij gaming, online internet-gemeenschappen en in zekere zin zelfs festivals zoals FACTS kun je stellen dat de wereld waarin je ontsnapt, zich niet meer enkel in je eigen hoofd bevindt. Maar het is ook geen reële plaats naar onze opvatting van ‘realiteit’. Hij wordt bewoond door anderen die op een gelijkaardige manier ontsnappen. Dat is een belangrijk verschil: dat escapisme vandaag meer groepsgebonden is dan individueel.’

Ontmoeting

Voor velen blijft ook de groepsgebonden beleving van fantasy natuurlijk puur entertainment. Van de zeven boeken uit de originele Harry Potter-reeks zijn al meer dan 500 miljoen exemplaren verkocht. De themaparken zijn een doorslaand succes. De films uit de franchise zijn maar enkele van de fantasytitels die jaarlijks de box office aanvoeren, naast de vele pre- en sequels uit de uitgemolken melkwegstelsels van Marvel en DC. Niet iedereen in de cinemazaal zal daarom een existentiële nood voelen aan een grotere fictieve wereld.

Maar voor andere fantasyfans is de groep of de commune een noodzaak. Voor hen kunnen festivals als FACTS wel de gelijkenis met de vroegere heksenkringen doorstaan, omdat ze via de magie en de fictie gelijkgestemden uit de echte wereld in contact brengt met elkaar, waardoor ook in het dagelijkse leven mogelijkheden ontstaan: iemand ontmoeten, samen nieuwe dingen bedenken. Fantasy is een vorm van creativiteit.

Kunst als magie

In die zin kan ook de kunst gezien worden als een vorm van escapistische magie, een groepsgebonden manier om te ontsnappen. Een artistieke levensvisie is voor sommigen eveneens een antwoord op een strikt wetenschappelijke tijd. Kunst en fantasy kunnen in elkaar overvloeien: als een publiek bereidwillig is, betoveren ze het en voeren ze het mee naar andere plaatsen, nieuwe realiteiten.

Als voorbeeld haalt Kangaslahti de manier aan waarop fotografie in het verleden ingezet werd om mensen mee te voeren in een wereld van magie en het bovennatuurlijke. ‘Fotografie was daarvoor al sinds haar prille begin geschikt, omdat ze als een replicatie van het leven gezien werd, dus als een manier om de dingen rondom ons af te beelden.’

‘Wat echter interessant is’, vervolgt ze, ‘is dat fotografie ook gebruikt werd om aan een steeds groter publiek dingen te tonen die je normaal gezien niet kon zien. In combinatie met een telescoop onthulde fotografie zo het oppervlak van de maan en met microscopische instrumenten, de microben in ons water. Het was voor sommigen dan geen grote stap meer om zich in te beelden dat in de lucht rond hen, die al die onzichtbare dingen leek te bevatten, ook het bestaan van geesten bewezen kon worden.’

Net als fantasy vertrekt kunst vanuit een afbeeldingsrelatie, om er vervolgens van af te wijken

Het voorbeeld van Kangaslahti bewijst dat net in de afbeeldingsrelatie, die in de fotografie erg belangrijk is, de voorwaarde voor ontsnapping schuilt. Poëzie bijvoorbeeld is een taal die vertrekt van de gewone omgangstaal om ervan af te wijken. Bij onze omgang met kunst vertrekken we vanuit een bestaand kader om te stoten op iets wat ons vreemd is. Het vreemde kan daarna vreemd blijven maar ook magisch worden en ons innemen. Het gevolg is 'verdichting'.

Op dat moment overstijgt de kunst de technische beschrijving of de simpele parafrasering, en wordt ze meer dan de simpele optelsom van haar ontstaansgeschiedenis of de verpakte bedoeling van een kunstenaar. Daar beginnen de inbeelding, de ontsnapping en de relevantie van een kunstwerk. Kunst en magie delen een esthetiek. Omdat ze niet afbeelden maar vervormen, zijn ze tegenover de strikte realiteit onbetrouwbaar.

Vorige week werd in deze krant ingegaan op In Our Hands, een video-installatie van Marjolijn Dijkman die momenteel op Artefact te zien is. De video toont twee bewegende handen die losgekoppeld zijn van hun originele context. Omdat je daardoor je eigen verbeelding aan het beeld kan opleggen, wordt het kunstwerk, meer dan de simpele gemanipuleerde afbeelding, een verlengstuk van jezelf. Ook hier ontsnap je - een noodzakelijke ontsnapping - en blijf je. Kunst is een essentiële vorm van fantasy.

Het is niet ondenkbaar dat een rationalistische wereld sommigen ertoe gebracht heeft om die noodzaak tot verbeelding in de fantasy en de kunst te zoeken. Artefact gaat in op de wereld van de verbeelding, maar gaat - aangezien ze niet luidop in fantasy gelooft - niet op in die wereld. The Act of Magic is een traditionele tentoonstelling, waarbij bordjes nog steeds uitleg geven. De kunstenaars hebben het over de creatie van de illusie, niet de magie zelf. Maar in hun werken is de magie hoe dan ook te vinden en zullen echte, rasechte fantasy-fans aan hun trekken komen.