Dubbelrecensie: Trainspotting + Trainspotting T2

Dubbele portie topcinema

12 maart 2017
Recensie
Auteur(s): Jan Costers , Lukas Roose
Ter ere van de première van T2 Trainspotting besloot Cinema ZED om Trainspotting nog eens van het stof te halen en beide films na elkaar te spelen. Een recensentenpaar van Veto zag dat het goed was.

Choose Trainspotting

Choose life. Choose a job. Choose a career. Choose a family. Choose a fucking big television.’ Met die filosofische woorden begint de openingsmonoloog van Mark ‘Rent Boy’ Renton wanneer hij samen met Spud en Sick Boy achtervolgd wordt door de politie na een winkeldiefstal. Bijgestaan door Iggy Pop’s Lust for life heeft deze scène zich ondertussen al stevig gecementeerd in de cultfilmgeschiedenis en zet ze ook meteen de toon voor de rest van de film.

Boyles relaas van een bende Schotse heroïnejunkies – gebaseerd op het boek van Irvine Welsh – windt er immers geen doekjes om. De hoofdpersonages vullen hun dagen met het volspuiten van hun aderen met heroïne en zijn ook nog eens allemaal op hun eigen manier antipathiek: Begbie is een ontembare vechtersbaas, Sick Boy hecht schijnbaar geen enkele waarde aan zijn vriendschappen en Renton steelt de sekstape van één van zijn beste vrienden.

Enkel Spud komt over als een sulletje die wat meegesleept wordt door de rest, hoewel er bij hem ook zeker stront aan de knikker – of ja, het laken – hangt. Toch is het moeilijk om niet om hen te geven.

Charmante antihelden

Je leeft mee met Rent Boy die besluit om voorgoed heroïne op te geven, na one last hit uiteraard. Die moeilijke tocht, onder andere door tegenwerking van zijn ‘vrienden’, brengt Boyle met verscheidene visuele parels op het scherm. De drugsroes wordt telkens rauw en bijna schrijnend neergezet en het befaamde toiletbezoek is haast poëzie. Maar ook bij het afkicken kijkt de camera niet weg, zitten we Renton, sterk neergezet door Ewan Mcgregor, letterlijk op de huid en zien we samen met hem af.

De misselijkmakende avonturen die de personages in een slecht daglicht stellen, zorgen echter niet voor haatgevoelens jegens hen. De eerlijke voorstelling van hun problemen zorgt ervoor dat we eerder medelijden krijgen en bijna begrip kunnen opbrengen voor hun moeilijke levensomstandigheden – zelfs wanneer ze daar zelf de oorzaak van zijn. Het is moeilijk niet meewarig het hoofd te schudden wanneer Renton zichzelf weer heroïne in de aderen spuit op de tonen van Perfect Day.

De muziek die Boyle eigenhandig uitkoos voor Trainspotting, brengt ze naar een hoger niveau.

De muziek die Boyle eigenhandig uitkoos voor deze film ondersteunt de scenes immers en brengt ze naar een hoger niveau. De ene keer onderstreept een nummer de desolaatheid van de scene, een andere keer contrasteert het door uit te blinken in ironie. De mix van hits uit de jaren 90 in combinatie met klassiekers uit de jaren 70, met kleppers als Iggy Pop, David Bowie, Underworld, Joy Division en nog een resem anderen zorgde er dan ook terecht voor dat de soundtrack een bestseller werd.

De cultfilm werd zelf ook een onverhoopt succes en kende een grote schare fans. Wanneer we Renton en co na 20 jaar nog eens bezoeken, is het al meteen duidelijk dat de film vandaag nog steeds relevant is en niet veel van haar maatschappijkritische waarde verloren heeft. Als je op een verloren avond dus niet goed weet welke film je moet kijken: Choose Trainspotting.

Choose a fucking sequel

Na de cultstatus die Trainspotting in de afgelopen twee decennia opbouwde en de huidige ‘sequelmania’ die het filmlandschap overheerste, kon een vervolg op de hit uit 1996 niet uitblijven. Irvine Welsh, die het originele verhaal neerpende, had het vervolg op zijn succesroman negen jaar later laten plaatsvinden, waardoor de tijd tussen de twee films niet onoverkomelijk was. Door de status die het origineel echter had opgebouwd dachten vele critici dat Boyle aan een zelfmoordactie begon met dit project.

Het verhaal is niet sterk gebaseerd op Welsh’s Porno - het boekvervolg op Trainspotting, maar gebruikt vooral ongebruikte delen van Trainspotting in combinatie met een eigen verhaal. Renton is na zijn vlucht op het einde van Trainspotting in Amsterdam gaan wonen. Sick Boy heeft zich opgewerkt van drugdealer tot pooier. Spud heeft nog steeds een heroïneverslaving. Francis Begbie, die op het einde van het origineel opgepakt werd voor zijn gewapende overval, zit nog steeds in de cel, maar zint op wraak.

De personages zijn dan wel ouder geworden, maar zijn innerlijk nog geen haar veranderd. Renton is nog steeds een inherente pessimist – de Choose Life-rant uit het origineel heeft een update gekregen waarbij Instagram en Facebook het nu moeten ontgelden – wiens leven volledig uit elkaar valt wanneer hij terugkeert naar zijn thuisland. Hij ontmoet zijn oude vrienden opnieuw en bedenkt samen met Sick Boy en diens vriendin het plan om een bordeel te openen.

Passieproject

Zij die dachten dat T2 een cashgrab zou zijn die het origineel oneer zou aandoen, in plaats van het verder uit te diepen, komen bedrogen uit. Het verhaal voelt aan als een passieproject dat ontstaan is uit de nood om deze personages opnieuw te bezoeken, niet op aandringen van een filmmaatschappij, maar een verlangen van de gepassioneerde regisseur. De liefde die Boyle voor deze materie koestert is even duidelijk als in het origineel.

En die liefde wordt ook gedeeld door zijn acteurs die met overweldigende energie hun personages vertolken. Extra lofzangen aan het adres van Ewen Bremner die Spud uitdiept van een sulletje tot intrigerend personage met verborgen talenten, en Robert Carlyle die een wraakzuchtige Begbie enorm overtuigend speelt.

In de geüpdate Choose life-rant moeten Instagram en Facebook het ontgelden

Ook nu streelt Boyle het oog met enkele scenes die etherisch aandoen en beloont hij de trouwe fans met enkele knipogen naar het origineel – zoals een nieuwe toiletscène en een nieuwe tirade van Renton tegen het establishment. Die knipogen zijn echter genoeg gespreid over het verhaal en niet te nadrukkelijk aanwezig zodat de film vervalt in zelfverheerlijking en nostalgie. Ook op muzikaal vlak zijn er kleine verwijzingen naar het origineel met enkele remixes van nummers uit de eerste film, maar ook weer nieuw opkomend talent, aangevoerd door Young Fathers.

Uiteindelijk voelt de film aan als een vervolg waarvan we niet wisten dat we erop aan het wachten waren. Waar het origineel gezien kan worden als een relaas over de quarterlifecrisis, handelt het vervolg over de midlifecrisis. Dezelfde energie dat 20 jaar geleden dat van Renton en co een succesverhaal maakte, spat opnieuw van het scherm maar heeft een nieuw jasje gekregen. Boyle geeft de naysayers lik op stuk met een speelfilm die de torenhoge verwachtingen inlost. ‘First there’s an opportunity, then there’s betrayal’, mijmert Spud na over Rentons diefstal. Maar in het geval van T2 is er eerst een opportunity en daarna success.