De KU Leuven doet de Zuidpool aan

“Antarctica is the middle of nowhere in het kwadraat”

30 november 2015
Artikel
Auteur(s): Margot De Boeck
Onderzoekers van de KU Leuven vertrekken begin januari op expeditie naar de Zuidpool. “Een gebied aandoen waarvan je denkt dat er nog nooit iemand is geweest, is ongelooflijk intens,” klinkt het.

Antarctica, de naam alleen al doet velen weg dromen van witte sneeuwvlaktes, weidse uitzichten en leven in harmonie met de natuur. Onderzoeker Stef Lhermitte vertrekt op 4 januari voor vier weken naar de Zuidpool: “Het is een kinderdroom die in vervulling gaat,” vertelt hij.

Antarctica is een bar continent, een pleziertrip zal het dus niet worden: “Luxueus kan je vier weken slapen in een tent niet noemen, maar daarvoor trek je niet naar de Zuidpool,” lacht Lhermitte.

Collega-onderzoeker Jan Lenaerts trok eerder al een aantal weken naar Antarctica. Hij vertelt: “Antarctica is het kwadraat van de middle of nowhere. Meestal slapen we in tenten, maar we hebben een konvooi van containers mee. Wanneer het te koud is, slapen we daarin, maar het is er zeer muf en klein.”

Geen bereik

Een verblijf op de Zuidpool is niet helemaal zonder gevaar: “De weersomstandigheden zijn oncontroleerbaar. Stormweer is er zeer gevaarlijk. Een tweede gevaar is dat je ver van de bewoonde wereld zit, waardoor evacuatie niet evident is,” licht Lhermitte toe.

"Na je terugkeer is het wennen dat het 's nachts donker is"

Jan Lenaerts, Onderzoeker

Bang is hij echter niet: “We zitten met een goed begeleidend team, dat het risico zo klein mogelijk probeert te houden.”

Ook los van deze gevaren blijft een reis naar Antarctica een uitdaging. Tijdens de zomermaanden, voor het continent van november tot februari, is het er 24 uur per dag licht. “Je weet niet of het dag of nacht is, en dat is enorm verwarrend voor je bioritme. Het geeft ook veel energie, want je kan urenlang doorgaan. Wanneer je terugkeert, is het hier winter. Je moet dan wennen aan de gebrekkige zonactiviteit, en aan het feit dat het hier ’s nachts donker is,” vertelt Lenaerts.

Op de Zuidpool is er weinig bereik, en het thuisfront even opbellen zit er dus niet in. “Je hebt geen enkel idee van wat er buiten je tent of container gebeurt. Dat is op een manier ook rustgevend, want je hebt nul komma nul contact met de buitenwereld. Je kan je er dus ook niet mee bezig houden.”

"Luxueus kan je vier weken slapen in een tent niet noemen"

Stef Lhemitte, onderzoeker

Alleen overleven op de Zuidpool is moeilijk. Een expeditie gebeurt dus altijd in groep. “Je leeft zeer intens samen, en deelt lief en leed. In onze groep kwamen wij goed overeen,” aldus Lenaerts.

“Er zijn ook altijd veldgidsen. Onze gids vorig jaar was een Zwitser. Daarmee was het moeilijk communiceren. Dat kwam door de taal, maar ook omdat Zwitsers wat meer op zichzelf lijken te leven,” vindt Lenaerts.

Climax

Leven in barre omstandigheden doet dat wat met een mens. Lenaerts herinnert zich het meest intense moment van de expeditie: “Op een nacht ben ik een hele ijsplaat afgegaan van noord naar zuid. Ik vertrok met een bang hartje. We moesten sneeuwboringen doen onderweg. Dat ging eerst moeizaam, en ik dacht nog “waar zijn we in godsnaam aan begonnen.” Maar gaandeweg ging het steeds beter en aan het eind zag ik mijn hypothese bevestigd. Dat gaf een enorm gevoel van euforie.”

Het onderzoek van Lenaerts en Lhermitte focust zich op het smeltproces van de ijsplaten aan de randen van de ijskap. Deze ijsplaten drijven op de oceaan. Doordat ze op zeeniveau liggen vlakbij de kust is het er warmer dan elders op het continent.

Toch is er op de ijsplaten zelf nog veel variatie in de smeltsneldheid, onder meer door bepaalde soorten van wind. Het onderzoek wees uit dat het smelten sneller gebeurt op de zuidkant. “Als de ijsplaten afbreken krijg je een versnelling van het smelten van het ijs op de ijsplaat, wat leidt tot een stijging van de zeespiegel. Dat proces kunnen we door onze metingen nu beter begrijpen,” aldus Lenaerts.

Plunderactie op de Zuidpool?

Poolreiziger Alain Hubert was tot voor kort de expeditieleider van de Belgische Prinses Elisabethbasis. Hij werd ontslagen omwille van wanbeheer, belangenconflict en financiële onduidelijkheid. Als reactie daarop voerde Hubert met zijj team een raid uit op de basis. Daarbij werd waarschijnlijk dieselolie ontvreemd en apparatuur beschadigd.

De basis is momenteel in handen van de Belgische overheid, defensie en een private partner. De daden van Hubert leidden lange tijd tot moeizame communicatie naar de onderzoekers toe over de mogelijke schade op de basis. Te veel informatie zou het gerechtelijk onderzoek naar de daden van Hubert kunnen schaden.

“Dat is inmiddels gelukkig opgelost,” vertelt Lenaerts. “Wij weten nu waar we ons aan kunnen verwachten.”