Brandveiligheid heet hangijzer na brand in de Kapucijnenvoer

“Er zijn te weinig controles, maar komt verandering in”

24 februari 2014
Artikel
Na een brand in de Kapucijnenvoer is brandveiligheid een hot topic in Leuven. De brandweer zelf is vragende partij voor meer controles, maar beklemtoont dat de meeste koten veilig zijn.

“Uiteraard wil ik meer en scherpere controles,” zegt commandant Jeroen Ameel van de Leuvense brandweer. Maar daarvoor ontbreekt het hem aan voldoende mankracht. “Momenteel zijn er te weinig middelen voor meer controles, maar daar komt verandering in.” Vorig jaar controleerden Ameels medewerkers 198 kamerwoningen op brandveiligheid. Hoeveel koten dat zijn, is onduidelijk. “Daar zitten blokken van zestig kamers en woningen met vijf kamers tussen.”

“Wij dringen er altijd op aan dat de stad Leuven meer controleert,” stelt Jan De Vriendt, directeur Studentenvoorzieningen van de KU Leuven. “We begrijpen dat zoiets niet eenvoudig is: in Leuven zijn er ontzettend veel koten als je kijkt naar de bevolking. Toch is de veiligheid van koten een taak van de stad.”

Preventie

Aan het capaciteitsprobleem wordt gewerkt, betoogt Ameel. “Wij gaan dit jaar preventieadviseurs en burgerpersoneel aanwerven die zich voltijds gaan bezig houden met brandpreventie. Tegen medio 2015 wil ik dat die actief zijn. De middelen zijn er alvast.” Hij benadrukt dat de plannen er al waren voor het drama in de Kapucijnenvoer. Om te sensibiliseren zou de commandant volgend jaar graag aanwezig zijn tijden de studentenwelkom. “Met een ladderwagen kunnen we aandacht trekken, en we kunnen mooie demonstraties geven.” Zo is een brandende frietketel erg spectaculair. “Kap daar water op en dat geeft een steekvlam van vier of vijf meter. Spektakel verzekerd, maar studenten zien ook hoe ze dat moeten blussen.”

De universiteit wil zo’n initiatief zeker steunen volgens De Vriendt. Na de brand in Leuven lanceerden verschillende brandweerkorpsen het voorstel voor een Vlaams kwaliteitslabel voor studentenkamers. Dat zou dan verplicht zijn voor huurders en verhuurders. In maart zit de Leuvense brandweercommandant alvast samen met betrokken Vlaamse minister Freya Van den Bossche (sp.a). “Wij hebben het voorstel in de pers vernomen en willen eerst naar de brandweer luisteren,” reageert Van den Bossche. “Op Vlaams niveau bestaan er duidelijke veiligheidsnormen voor woningen en koten. Gemeenten kunnen zelf nog een stap verder gaan door een voorafgaande controle te eisen. De brandweer heeft opgeroepen om dat te uniformiseren. We gaan in overleg met alle betrokken partijen kijken wat we kunnen doen om de veiligheid van koten nog te verbeteren.”

Klikmaatschappij

Momenteel gebeuren de meeste controles door de brandweer op vraag van de eigenaars. “Zij hebben een gunstig verslag van de brandweer nodig om een conformiteitsattest te bekomen van de Leuvense Dienst Wonen,” verklaart Ameel. Zonder mag een eigenaar niet verhuren. “Onlangs nog heeft de Dienst Wonen alle eigenaars aangeschreven om hen aan te sporen.

Sinds januari hebben we daardoor al 160 aanvragen van eigenaars gekregen,” zegt een tevreden Ameel. “Deels komt dat door de brand, maar vooral door de actie van de Dienst Wonen.” Op eigen initiatief zal de brandweer niet controleren. “De Dienst Wonen kan ons wel om een controle vragen, als zij tijdens een bezoek een probleem vaststelt.” Studenten kunnen ook zelf om een brandweerbezoek vragen. “September en oktober zijn daarvoor klassieke maanden. B

ezorgde moeders - zonder seksistisch te willen doen - vragen dan of wij komen kijken.” Van de commandant mogen best meer studenten die stap zetten. “Ik wil geen klikmaatschappij, maar wie huurt mag toch een zekere service verwachten?” Al kan dat de studenten zuur opbreken. Sinds december rekent de brandweer 95 euro per uur aan personeelskosten en 25 euro aan administratieve kosten aan, lezen we op de website van de stad Leuven, tenzij het resultaat van de controle "gunstig zonder voorwaarden" is. Daarvoor was een eerste advies en de eindcontrole gratis. De begunstigde van de controle moet betalen.

Het is onduidelijk of de rekening zo bij de student of de kotbaas belandt, geeft ook Lies Corneillie (Groen) toe. De gemeenteraadsleden van Groen stemden met de meerderheid voor de verhoging. De controles blijven niet zonder gevolg. Kotbazen krijgen twaalf maanden de tijd om problemen op te lossen. “Zo niet, kan een procedure van ongeschiktheid tot de onbewoonbaarheid van de woning volgen,” waarschuwt Ameel. In tegenstelling tot vroeger is de opvolging beter dankzij goede relaties met de Dienst Wonen.

De huisvestingsdienst van de KU Leuven gaat op bezoek bij alle koten die voor de eerste keer worden aangeboden op haar platform KotWijs, weet De Vriendt. “Vorig jaar is de capaciteit verhoogd om meer huisbezoeken te kunnen doen. Bij problemen waarschuwen we de nodige instanties.” Studenten kunnen problemen ook altijd melden. Spookkoten Problematisch is dat sommige kotbazen hun pand niet registreren bij de Dienst Wonen, om de kotbelasting en regelgeving ter zake te ontlopen.

Ook het huis in de Kapucijnenvoer waar dodelijke slachtoffers vielen, was niet aangegeven. Ameel heeft geen cijfers, maar anonieme brandweerbronnen schatten in De Morgen dat er zo’n tweeduizend “spookkoten” zijn. Ook bij de KU Leuven tast men in het duister. De Vriendt: “Wij schatten dat KotWijs ongeveer 85 procent van de koten bevat. Maar de andere koten zijn niet automatisch onveilig of ongeregistreerd.”

Sowieso controleert de huisvestingsdienst niet of koten geregistreerd zijn. “We hebben geen directe link met de stad en geven geen gegevens door. Al kunnen de stadsdiensten natuurlijk op KotWijs kijken.” Omdat de brandweer haar verslagen altijd doorstuurt naar de Dienst Wonen, lijkt het weinig vanzelfsprekend dat de betrokken kotbazen zelf een brandweerbezoek aanvragen.

Ameel hamert dan ook nogmaals op de eigen verantwoordelijkheid van studenten. “Ik zou geen ongeregistreerd kot huren. Natuurlijk is er een krapte op de kotenmarkt en misschien zijn die koten wat goedkoper, maar je neemt een risico.” Een direct verband tussen ongeregistreerde koten en brandveiligheid ontbreekt volgens de commandant. Uitzonderlijk Tot slot benadrukt de brandweercommandant dat de brandveiligheid van Leuvense koten in de lift zit. Ameel: “We zien meer en meer koten die enorm mooi en veilig zijn.

Eigenaars brengen de boel in orde om geen miserie te hebben met de stad Leuven, omdat die sterker opvolgt.” De brand in de Kapucijnenvoer blijft dan ook uitzonderlijk. “Om eerlijk te zijn, zijn er verbazingwekkend weinig branden in studentenkoten. We moeten bijna twintig jaar terug gaan in de geschiedenis om slachtoffers te betreuren.” “Zo lang je zuurstof en brandbaar materiaal hebt, zullen er branden zijn,” besluit Ameel. “Een brand met twee overledenen moet je kunnen vermijden. Zoiets grijpt je aan: twee jonge mensen aan het begin van het leven die geen kans hebben gekregen. Het is niet plezant om dan naar huis te gaan.