Beruchte kotbaas regelt brandveiligheid pas ná brand

Appeltans on fire

05 november 2016
Artikel
Auteur(s): Pjotr Hubin , Nelis Jespers
Een gebouw van kotbaas Appeltans brandt één week voor het nieuwe academiejaar uit en wordt onbewoonbaar verklaard. De kotstudenten wachten na een maand nog steeds op de ontbinding van hun contract.

In één van de vele gebouwen die Appeltans bezit in Leuven, brak op 18 september 2016 brand uit op de tweede verdieping. Van het gebouw op Bogaardenstraat 83, dat op het gelijkvloers ook Frituur Het Hoekske huisvest, brandde zowel de tweede verdieping als het dak volledig uit. Voor de studenten die er dit academiejaar op kot zouden zitten, was het het begin van een lange lijdensweg.

Bedenkelijke reputatie

Kotbaas Appeltans is een begrip op de Leuvense kotenmarkt. Op sociale media wordt duchtig gewaarschuwd voor zijn koten. De facebookpagina The AAF: Anti-Appeltans Front creëerde zelfs een forum waar gedupeerde studenten hun beklag kunnen doen. Het gaat om uiteenlopende klachten: waarborgen die niet worden teruggestort, muizenplagen, schimmels, koten die niet brandveilig zijn …

Op die pagina wordt ook verwezen naar namen als L. Strauven en Gerard Abizz, waaronder Appeltans koten verhuurt. Dat is, gezien zijn reputatie, niet verwonderlijk; in het verleden verschenen er in deze krant reeds meerdere artikelen over het geval Appeltans (Veto jg. 37, nr. 05; jg. 37, nr. 10; jg. 38, nr. 20; jg. 41, nr. 16). Dat de verhalen over brandveiligheid geen verzinsels zijn, is dit jaar voor enkele studenten op een wel heel onaangename manier duidelijk geworden.

Brand op kot

In het gebouw waar Joris* en Bram* een kot huurden, ontstaat een week voor de start van het nieuwe academiejaar brand op de tweede verdieping. Kotbaas Appeltans brengt de gedupeerde studenten op de hoogte en doet hen een voorstel: voor de periode van één maand kunnen de kotstudenten gebruik maken van een van zijn andere gebouwen. Hij vertelt hen dat ze daarna terug in de Bogaardenstraat kunnen gaan wonen.

'Hij is gewoon van de wereld verdwenen - voor ons dan.’

Joris, huurder afgebrand kot

Joris vertelt dat ze het zaakje niet vertrouwden en dat die andere koten niet aan hun verwachtingen voldeden. Bovendien blijkt Appeltans’ bewering dat het kot na één maand reeds weer in orde zou zijn, niet te kloppen: ‘Wij hebben dat nagevraagd bij de brandweer en de politie. Die hadden het over zes maanden minimaal.’

Bram, de tweede gedupeerde kotstudent, voegt hier nog aan toe dat het gebouw nooit op één maand opnieuw bewoonbaar zou zijn: ‘De politie en de brandweer hebben me verteld dat het eigenlijk een eengezinswoning was en dat Appeltans het dus illegaal als koten verhuurde. Het zou hoe dan ook onbewoonbaar verklaard zijn. Dat moet Appeltans geweten hebben.’

Ontbinding contract geweigerd

De studenten besluiten op dat moment met hun kotbaas af te spreken om hem voor te stellen het contract te ontbinden. ‘Toen we in Leuven waren’, vertelt Joris, ‘hebben we hem opgebeld omdat hij niet kwam opdagen. Toen bleek dat hij nooit van plan was te komen.’ Wanneer Joris het voorstel tot ontbinding van het huurcontract telefonisch dan uiteindelijk toch doet, weigert Appeltans er inderdaad op in te gaan. ‘Uiteindelijk heeft hij gewoon afgelegd.’

Op 22 september, vier dagen na de brand, krijgen de studenten te horen dat het gebouw onbewoonbaar verklaard is. De tweede verdieping en het dak zijn uitgebrand, de rest van het gebouw heeft grote waterschade opgelopen. Joris en Bram ontbinden na de weigering van de kotbaas de vorige dag met een aangetekende brief eenzijdig het contract, eisen de 1.025 euro waarborg terug en vragen toegang tot hun spullen. ‘Wettelijk had hij dan vijf dagen om daarop te antwoorden, maar we hebben nog altijd niets gehoord of gekregen.’ En dat is nu meer dan een maand geleden.

‘Ik heb hem, toen het huis al verzegeld was, zien binnengaan. Zonder politie’

Bram, huurder afgebrand kot

De brief wordt opgestuurd naar een winkelpand in Sint-Truiden. Dat adres staat op het huurcontract, onder de naam L. Strauven, één van de aliassen die op sociale media verschijnt wanneer er voor Appeltans gewaarschuwd wordt. ‘Een aangetekende brief gaat dus naar die winkel, zodat Appeltans, die in het appartement erboven woont, kan zeggen dat hij die niet ontvangen heeft’, vertelt Bram. Een tweede aangetekende brief wordt op 29 oktober, meer dan een maand na de brand, verstuurd naar het appartement boven de winkel.

Plots wél rookmelders

Om te regelen dat ze na de brand hun spullen kunnen ophalen - of wat ervan overblijft - is Joris zelf een week lang bezig. ‘Normaal is dat de taak van de huisbaas, maar die verantwoordelijkheid heeft hij dus niet genomen. Hij is gewoon van de wereld verdwenen - voor ons dan.’

'Toen we binnen mochten voor onze spullen, hingen er plots wel rookmelders'

Joris, huurder afgebrand kot

Joris kan enkele spullen recupereren, in tegenstelling tot een vriend, wiens kot volledig is uitgebrand. Hij merkt echter nog wat op: ‘Er waren geen rookmelders, dus het was niet brandveilig. Maar toen we twee weken na de brand binnen mochten voor onze spullen, hingen die er wel. Appeltans is dus eigenlijk ingebroken in zijn eigen gebouw toen het verzegeld was.’

Op die manier kon de kotbaas zijn gebouw toch brandveilig laten lijken. Joris is er 100 procent zeker van dat de rookdetectoren pas na de brand geplaatst zijn. Bovendien heeft de politie aan Joris bevestigd dat de verzegeling van het gebouw verbroken is geweest. Dat bevestigt ook Bram: ‘Ik heb hem, toen het huis al verzegeld was, zien binnengaan. Zonder politie.’

De getuigenissen van de twee studenten spreken voor zich: de beruchte kotbaas doet zijn bedenkelijke reputatie alle eer aan. Hij zou dus zijn ingebroken in zijn eigen gebouw om de brandveiligheid - ironisch genoeg - pas na een brand in orde te brengen.

Geen reactie

Hoewel het Proces Verbaal van de politie doorgegeven werd aan de Dienst Wonen van Leuven, wilde men daar geen commentaar geven over het dossier. Ook Appeltans zelf was - op de verschillende GSM-nummers die door Bram, Joris en anderen gekend zijn - niet te bereiken.

*Joris en Bram zijn gefingeerde namen