Babylons Literaire Prijs viert jubileum

Veertigjarig bestaan krijgt XL-editie

15 mei 2017
Artikel
Auteur(s): Steffie Geysens
De voorronde van het Eurovisiesongfestival, de rectorverkiezing of toch maar de Literaire Prijs? De keuzestress op dinsdag 9 mei was compleet. Wij gingen voor een échte streling van het oor.

De 40ste jubileumeditie van Babylons Interuniversitaire Literaire Prijs vond plaats in de promotiezaal van de Universiteitshal. De prijs is best prestigieus te noemen, en met het oudste nog verschijnende Nederlandstalige literaire tijdschrift DW B als partner blijkt het een uitgelezen kans voor laureaten om zich te lanceren in de literatuur.

Bij het binnenkomen van de zaal klonken er licht experimentele deuntjes van Gustav Leo. De opbouwende spanning leek rechtstreeks te zijn overgewaaid van de rectorverkiezing, enkele zalen verderop. De Literaire Prijs telde dit jaar 103 inzendingen, waarvan 54 keer poëzie en 49 keer proza. Opmerkelijk is dat 15 inzendingen van de Nederlandse overburen komen.

Een boot timmeren

Het hart van menig letterkundige begon plots sneller te slaan toen de vader van de term ‘Verkavelingsvlaams’, Geert van Istendael, het podium betrad. Hij bracht een verrassend actueel essay uit 1999. Vervolgens dwong dichteres Charlotte Van den Broeck ons Handleiding om een boot te timmeren tot een visualisatie van het gebeuren, terwijl oud-laureaat Jens Meijen, ondanks zijn jeugdige leeftijd een ervaren rot in het vak, een aardig realistisch stuk proza bracht.

‘Er is poëzie op komst!’ waarschuwde Charles Ducal ons meermaals

‘Er is poëzie op komst!’ waarschuwde Charles Ducal ons meermaals. De introductie van de oud-Dichter des Vaderlands deed ons spontaan denken aan Wim Helsens Vrienden van de poëzie. Ducal schiep duidelijk plezier in het voordragen uit zijn impressionant oeuvre, hoewel er bij de aanvang van zijn zevende gedicht toch een eerste zucht klonk vanuit de zaal.

Het welgekomen muzikaal intermezzo van Gustav Leo leek op de betere Marquee-act op Werchter, met het verschil dat het publiek zich niet op gras maar in stoffen rode fauteuils gesetteld had, en hunkerde naar cava in plaats van een pintje. Wie er trouwens in slaagt om Hugo Claus in zijn bindteksten te verwerken, hoort zonder twijfel thuis op een avond als deze.

De nieuwe Saskia De Coster

Dan de prijzen. Manon Struys werd derde in de categorie proza met het stuk Ay arriba, por ti seré, geprezen voor zijn ‘effectieve suggestiviteit’ en ‘maturiteit’. De tweede plaats ging naar een geëmotioneerde en dankbare Simon Vermeulen, die op zeer overtuigende wijze zijn mysterieus-melancholische tekst Ba voorlas.

'Toegegeven, de Literaire Prijs trekt een nichepubliek, maar ze is best toegankelijk op voorwaarde dat je proza en poëzie toch ietwat kan smaken'

Emmanuelle Gernay won de derde prijs poëzie dankzij een ‘verrassend eindrijm’ en de ‘ambachtelijkheid’ van haar gedichten. Op de tweede plaats eindigde Elianne Van Elderen, wier gedicht rake zinnen bevat à la ‘Het gaatje in mijn sok is nog te klein, zoals wij te jong, om te leren, houden’.

De Nederlandse Marlies Smeenge, winnares proza, bracht een interessant stuk met als titel Op Jezus. Zij maakte van een schijnbaar banaal onderwerp als feestende jongeren een ‘verrassend en herkenbaar’ stuk, 'vermengd met culturele clichés'. Tot slot kroonde de jury Gilles Michiels tot winnaar poëzie. Zijn reeks Luchtlenigheid is volgens hen ‘trefzeker’, ‘barstend van betekenis’, en doorspekt met ‘interessant taalgebruik’.

Heeft de nieuwe lichting van de Literaire Prijs het potentieel om in de voetsporen te treden van beroemde ex-laureaten zoals Saskia De Coster en Bert Gabriëls? Dat moet nog blijken. In elk geval bood de uitreiking van deze Literaire Prijs inspiratie en is ze, ondanks het nichepubliek, voor iedereen die proza en poëzie toch ietwat kan smaken best toegankelijk.

Gerelateerde Artikels

CulTip: 15 tot 30 november

14 november 2017
Artikel

Ik geloof dat ik het weet

31 oktober 2017
Artikel

Als het kwartje valt

18 oktober 2017
Artikel

Lachen in Hawaï

18 oktober 2017
Artikel